Bij het gebruik van Remotely Piloted Aircraft System (RPAS), ook wel Drones genoemd, maakt Nederland onderscheid tussen particulier/recreatief en beroepsmatig gebruik.

Particulier en recreatief gebruik

Ook voor particulieren die met bepaalde drones vliegen, gelden regels. De drone moet bijvoorbeeld altijd voor de piloot zichtbaar zijn. En binnen aaneengesloten bebouwing mag niet gevlogen worden. Op het particulier/recreatief gebruik van RPA is de Regeling modelvliegen van toepassing. Uitgebreide informatie over waar het particulier/recreatief gebruik van drones aan moet voldoen, staat op de webpagina Modelvliegers, in de dronekaart van het Kadaster en bij Rijksoverheid.nl.

Let goed op!
De dronekaart geeft alleen aan waar volgens de luchtverkeersregels nooit mag worden gevlogen met een Drone.
Let op: de kaart geeft niet alle verboden gebieden aan. Houdt er daarom rekening mee dat er ook niet mag worden gevlogen vanwege de aanwezigheid van

  • verkeer, aaneengesloten bebouwing of mensenmenigten;
  • een beschermd natuurgebied waarboven een verbod is ingesteld op basis van natuurbeschermingswetgeving;
  • een tijdelijke beperking of verbod, gepubliceerd met een NOTAM (notice to airmen).

Het ministerie werkt aan een dynamische kaart waarop meer informatie is te vinden. Het ontbreken van een dynamische kaart is geen vrijbrief. Met een ‘gezond verstand benadering’ komt u een heel eind.

Beroepsmatig gebruik

Met beroepsmatig of zakelijk gebruik van RPAS wordt het gebruik met een economisch of bedrijfsmatig oogmerk bedoeld. Op het beroepsmatig gebruik zijn o.a. het Besluit met regels voor- en de Regeling op afstand bestuurde luchtvaartuigen van toepassing. Bedrijven of beroepspiloten mogen een RPA alleen gebruiken als ze een vergunning of ontheffing hebben van de ILT.
 

Melding incident of voorval
Meld een incident of voorval met een beroepsmatig gebruikte drone/RPAS via Voorvallen luchtvaart.

Vergunningen

Voor beroepsmatig gebruik verstrekt de ILT vergunningen voor:

de piloot Vliegbewijs RPA-L
het toestel met grondstation

Bewijs van inschrijving in het luchtvaartregister (BVI);
Speciaal Bewijs van Luchtwaardigheid (S-BVL);

het bedrijf dat RPAS diensten aan derden aanbiedt RPAS Operator Certificate (ROC);
RPAS Operator Certificate - light (ROC-light);
de vliegschool Registratie als RPAS vliegschool met de modules Theorie en Praktijk;
de organisatie die individuele technische keuringen verricht Nationale bedrijfserkenning (individual design and construction assessment).


Verder blijven door de ILT aan buitenlandse RPAS operators, (piloten en systemen) verleende ontheffingen nodig. Dit geldt ook voor speciale ontheffingen voor het gebruik van RPA met bijvoorbeeld een groter zichtbereik dan (Extended) Visual Line Of Sight. Van dergelijke ontheffingen kan alleen sprake zijn bij een maatschappelijk belang en als tevoren aannemelijk is gemaakt dat de vlucht veilig kan worden uitgevoerd.

Doe een check op Regelhulp voor bedrijven - Drones.

Vergunningaanvraag indienen? Kom eerst langs bij de ILT

Er komt heel wat bij kijken om een vergunning voor het beroepsmatig vliegen te krijgen (ROC of ROC-Light). De ervaring leert dat er veel misgaat bij het aanvragen. Daarom organiseert de ILT voorlichtingsbijeenkomsten. De ILT raadt aan om een bijeenkomst bij te wonen voordat u een aanvraag doet. De eerstvolgende bijeenkomst staat gepland voor 15 november 2018 (van 13.30 tot 16.00 uur). De locatie is bij de ILT in Hoofddorp. Deelname is gratis. U kunt zich per e-mail aanmelden.
Aanmelden is niet meer mogelijk, de bijeenkomst is volgeboekt.

Regelgeving

Met het Besluit op afstand bestuurde luchtvaartuigen zijn per 1 juli 2015 vier besluiten gewijzigd;

  • Vluchtuitvoering (en de introductie van het bijzondere Air Operator Certificate: RPAS Operator Certificate) 
  • Vliegbewijzen (en de introductie van het vliegbewijs RPA-L – remote pilot licence) 
  • Luchtvaartuigen (en de introductie van een S-BVL voor RPAS na een individuele keuring, zonder dat een type-certificaat vereist is en zonder dat het luchtvaartuig is gebouwd door een daartoe erkend bedrijf) 
  • Luchthavens (waardoor voor RPAS tot 25 kg geen TUG-ontheffing van de provincie meer nodig is).

De wijziging (met belangrijke toelichting) van de Regeling op afstand bestuurde luchtvaartuigen die ingegaan is op 1 juli 2016, is gepubliceerd in Staatscourant 2016-27757. 
De geïntegreerde versie van de regeling (zonder toelichting) treft u aan op www.overheid.nl, eventueel via de link onderaan deze bladzijde.

Daarnaast is de Beleidsregel voor het verlenen van ontheffingen voor micro- en minidrones gepubliceerd in Staatscourant 2016-27761.
     
Ontheffingen van het verbod om beroepsmatig voor eigen bedrijf te vliegen zonder RPA-L en zonder S-BVL (dus niet voor derden) zijn ook mogelijk wanneer men zich kan houden aan de regels die horen bij het gebruik onder een ROC-light. Dit proces start met het inschrijven van de betreffende Drone met een maximale massa tot 1 of tot 4 kg in het luchtvaartuigregister.

Wijziging in de regels voor de houders van een ROC per 4 oktober 2017

De in wijziging (IENM/BSK-2017/232479)  heeft invloed op de bestaande ROC’s. Deze worden door ILT aangepast en opgestuurd naar de houders.
Op www.overheid.nl staat ook de geïntegreerde versie van de regeling. De officiële toelichting op de wijziging staat alleen bij de wijziging.

De wijziging van de Regeling op afstand bestuurde luchtvaartuigen van 4 oktober 2017 komt op het volgende neer:

  1. Een melding minstens 24 uur voorafgaand aan de vlucht aan
    a. de minister (via ILT) is niet meer nodig.
    b. de burgemeester is niet meer nodig.
  2. Een NOTAM uitgifte is alleen nodig voor vluchten boven 40 meter boven de grond of het water in het deel van het luchtruim waarin laag mag worden gevlogen door civiele of militaire luchtvaartuigen. Die NOTAM moet uiterlijk 24 uur (i p v 48 uur) te voren zijn gepubliceerd.
  3. De veiligheidsbuffer tussen RPA’s met een maximale totale massa (MTOM) van niet meer dan 25 kg en mensenmenigten, aaneengesloten bebouwing, in gebruik zijnde autosnelwegen, in gebruik zijnde autowegen of in gebruik zijnde wegen waar een maximale snelheid van 80 kilometer per uur geldt, spoorlijnen, voertuigen en vaartuigen:
    a. is vanaf nu 50 meter voor RPA’s in de categorie (A) (aeroplanes – vliegtuigen = met vaste vleugel) of in de categorie (OA) (other aircraft – andere luchtvaartuigen dan in de categorieën A, H, G, FB of AS),
    b. is vanaf nu 25 meter voor RPA’s in de categorie (H) (helikopter, multikopter of gyroplane).
  4. De veiligheidsbuffer tussen RPA’s met een maximale totale massa (MTOM) van meer dan 25 kg en mensenmenigten, aaneengesloten bebouwing, in gebruik zijnde autosnelwegen, in gebruik zijnde autowegen of in gebruik zijnde wegen waar een maximale snelheid van 80 kilometer per uur blijft 150 meter en ten opzichte van industrie- en havengebieden, vaartuigen, voertuigen, kunstwerken en spoorlijnen blijft 50 meter.

    Het vliegen binnen / boven de aangesloten bebouwing blijft voor alle categorieën en klassen verboden !
     
  5. Het verbod om in de Eelde CTR te vliegen geldt niet voor experimentele drone-vluchten. Wel moet aan SERA worden voldaan (vliegplan, 2-zijdig radiocontact, klaring + regels voor klasse C luchtruim, zoals minimum zicht en afstand tot wolken en het voeren van een Mode S SSR transponder). Voordat hieraan invulling kan worden gegeven moet de aanwijzing van de luchthaven worden aangepast, moet de luchthaven en LVNL beschikken over goedgekeurde procedures over de bedoelde experimentele vluchten.
  6. Het verbod om hoger dan 45 m boven grond of water te vliegen in de  ‘buitenste niet verboden ring’ van CTR Rotterdam, Eelde en Maastricht geldt niet meer binnen een horizontale afstand van 25 m van een bestaand obstakel en tot maximaal 5 meter boven het hoogste punt van dat obstakel. Ook hier moet aan SERA worden voldaan – zie punt 5.

Let op! In geval van twijfel geldt de fomele tekst.

Nieuwe regels in de maak

Er zijn nieuwe Europese regels voor het vliegen met drones (zowel voor recreatief als beroepsmatig gebruik) in de maak. Onderstaande tekst is gebaseerd op concept teksten. Zekerheid komt pas na publicatie van EU regels !

Inschatting termijnen
  • De Europese luchtvaartautoriteit EASA verwacht 1e kwartaal 2019 de tekst van nieuwe regels te publiceren. Dat kan ook later worden.
  • Bij publicatie wordt pas duidelijk wat de regels precies zijn en wanneer die regels van kracht worden. Dat kan na 3, 6 of 9 maanden zijn. Op dit moment gaat men uit van 3 maanden.
  • Waarschijnlijk zit er ook een overgangstermijn in, waarin de nationale documenten nog geaccepteerd worden. Die termijn is waarschijnlijk 2 jaar.

De Europese regels worden opgedeeld in regels voor 3 categorieën, gebaseerd op risico's voor derden op de grond en in de lucht:
 1.  open categorie - laag risico
 2.  specific categorie - medium risico
 3.  certified categorie - hoog risico

Ad 1. In de open categorie vallen waarschijnlijk de recreatief of beroepsmatig bestuurde drones met een massa van > 250 gram < 4 kg. De bestuurders daarvan moeten waarschijnlijk beschikken over een 'theoriecertificaat'. Dat is waarschijnlijk vergelijkbaar met het huidige NL theoriecertificaat voor minidrones. Verwacht wordt dat het (ongekwalificeerde) NL mini drone theoriecertificaat kan worden omgezet naar een Europees document of zonder omzetting als geldig wordt beschouwd.

Dat geldt dus ook voor degenen die met een micro drone (max 1 kg) vliegen en daarvoor ontheffing hebben (in een ROC light vergunning). Die hebben dus ruim 2 jaar de tijd om alsnog dat theoriecertificaat te behalen. Dit certificaat is alleen nodig als men wil vliegen buiten een modelvliegveld.

Ad 2. In de specific categorie vallen de beroepsmatig bestuurde drones met een risico dat groter is dan dat in de open categorie, bijvoorbeeld de vluchten waarvoor nu een ROC nodig is. Bijvoorbeeld als de drone zwaarder is dan 4 kg.

Ad 3. De volgende dronevluchten kunnen worden geclassificeerd in de certified categorie.  Men komt in de categorie certified als uit de risicoanalyse blijkt dat het risico van de voorgenomen vlucht zodanig is dat dit alleen gemitigeerd kan worden door de certificatie van de bestuurder, de drone met grondstation en de organisatie (operator). Dat is bijvoorbeeld het geval bij:
1.  vluchten met drones
     a.  waarmee mensen worden vervoerd, of
     b. gevaarlijke goederen worden vervoerd waarbij een hoog risico kan ontstaan voor derden bij een
         crash,
                                                            of
2.  vluchten met grote of complexe drones:
     a. nagenoeg voortdurend boven mensenmenigten,
     b. buiten zichtafstand (BVLOS), of
     c. in een gedeelte van het luchtruim waar ook veel ander luchtverkeer aanwezig is.

Toezicht

  • De politie kan namens het Openbaar Ministerie (OM) toetsen of een bedrijf of persoon in het bezit is van alle vergunningen (of ontheffingen) en of men zich aan de Wet luchtvaart houdt. Bij eventueel geconstateerde overtredingen, kan dat leiden tot boete, straf (via rechter) of inbeslagname.
  • De inspectie toetst namens de minister of sprake is van een veilige situatie. Bij eventueel geconstateerde tekorten kan dat van invloed zijn op vergunning (of ontheffing) en leiden tot bestuurlijke boete.
  • Handhavers van de provincie kunnen nagaan of men ontheffing of regeling van provincie heeft voor het starten en landen buiten een luchthaven en men zich hieraan houdt.