'Luchtvaartuig' is een verzamelterm voor alle soorten en maten toestellen; vleugelvliegtuigen (sport, privé, transport, amateurgebouwd, onbemand, watervliegtuigen), hefschroefvliegtuigen, gyrocopters, (motor-)zweefvliegtuigen, luchtballonnen, Micro Light Aeroplanes (MLA's) en paramoteurs.

BvI, BvL en geluidsdocument

Als eigenaar van een luchtvaartuig heeft u van de ILT een Bewijs van Inschrijving van een luchtvaartuig (BvI), een Bewijs van Luchtwaardigheid (BvL) en een geluidsdocument nodig. Deze documenten kunt u aanvragen door het Formulier Aanvraag geluidsdocument in te vullen. Daarna kunt u het ter attentie van ILT/Luchtvaartuigregister sturen naar Postbus 16191, 2500 BD Den Haag of mailen naar luchtvaartuigregister@ilent.nl

De eigenaren van de Nederlandse civiele luchtvloot en bijbehorend luchtvaartuig worden door de ILT in het luchtvaartuigregister bijgehouden. Het ministerie van Defensie voert een eigen luchtvaartuigregister met daarin de militaire luchtvaartuigen.

Ontwikkelingen

Wijzigingen aan Amateurbouwluchtvaartuigen
Op basis van de Regeling Amateurbouwluchtvaartuigen zijn er twee mogelijkheden om goedkeuring te krijgen voor wijzigingen aan amateurbouwluchtvaartuigen:

Kitbouw Eigen ontwerp

Hierbij moet de wijziging goedgekeurd zijn (of eventueel voor uitvoering goedgekeurd worden) door de originele ontwerper of kitfabrikant.

Er is geen expliciete toestemming van ILT nodig om de wijziging uit te kunnen voeren. Met andere woorden: een aanvraag voor een GWL indienen is niet nodig.

Als de kitfabrikant of ontwerper niet meer bestaat of geen medewerking wil verlenen aan het keuren, moet het proces uit artikel 3 van de Regeling worden toegepast.

Hierbij moet het proces uit artikel 3 van de Regeling nogmaals worden toegepast voor de gewijzigde delen van het luchtvaartuig.

Stel een versie van de controlelijst uit artikel 3 op, beperkt tot de relevante CS paragrafen.

Toon voor deze paragrafen aan dat het gewijzigde ontwerp voldoet aan die CS paragrafen.

Laat de externe deskundige(n) op de aangepaste controlelijst bevestigen dat de rapportage in orde is.

Dien daarna een aanvraag voor een GWL in, tezamen met de controlelijst als onderbouwing.

Apparatuur 
Als de wijziging bestaat uit het toevoegen of vervangen van apparatuur, houdt er dan rekening mee de Regeling verlangt dat de verplichte instrumenten en de verplichte radiocommunicatie-, navigatie-, en identificatieapparatuur van een toegelaten type moet zijn. In de praktijk betekent dit, dat de verplichte instrumenten en de verplichte radiocommunicatie-, navigatie-, en identificatieapparatuur een (E)TSO goedkeuring moet hebben.

Wijzigingen kunnen meldingsplichtig zijn of invloed hebben op de geluidsproductie; nadere informatie daarover staat in de bijlagen bij de Regeling Amateurbouwluchtvaartuigen.
 

Lastenvermindering voor privé eigenaren/gebruikers (Part-M voor de GA)
Verordening (EU) 2015/1088 is op 27 juli 2015 in werking getreden en een volgende stap in de 'General Aviation Road Map'. Hierin is opgenomen dat eigenaren/gebruikers van ELA1 luchtvaartuigen, die niet voor commerciële vluchtuitvoering worden ingezet:

  • Een verklaring van het onderhoudsprogramma mogen opstellen in plaats van het verkrijgen van een goedkeuring van het onderhoudsprogramma. In het onderhoudsprogramma kan de eigenaar afwijkingen opnemen van de aanbevelingen van de TC-houder. De eigenaar neemt hiervoor de volledige verantwoordelijkheid;
  • het onderhoudsprogramma kunnen opstellen op basis van het zogenoemde 'Minimum Inspectie Programma';
  • een airworthiness review kunnen laten uitvoeren voor daartoe erkende Part-M Subpart F of Part-145 erkende onderhoudsorganisaties en daarvoor een EASA Form 15c Airworthiness Review Certificate krijgen. Ook kunnen onderhoudsbedrijven een onderhoudsprogramma opstellen, maar zonder goedkeuring, namens de eigenaar.

Een voorbeeld van een Verklaring van het onderhoudsprogramma vindt u op de webpagina Onderhoudsprogramma.

In Nederland vallen volgens Verordening (EU) 1321/2014 de volgende vluchtactiviteiten onder commerciële vluchtuitvoering:

  • AOC vluchten van A-to-B (ook wel genoemd Commercial Air Transport)
  • Rondvluchten (AOC A-to-A)
  • Vluchten uitgevoerd door commerciële ATO's


Annex II; verlenging Bewijs van Luchtwaardigheid
Als gevolg van een correctie van de EASA neemt de ILT voortaan alleen nog aanvragen voor verlenging van een Bewijs van Luchtwaardigheid (BvL) voor een Annex II luchtvaartuig in behandeling, als het onderhoud is vrijgegeven:


Annex II is geen EASA
Annex II luchtvaartuigen vallen buiten de werkingssfeer van EASA-regels (zie bijlage 2 van de verordening (EG) 216/2008). Daarom kunnen bedrijven die alleen over een EASA erkenning beschikken geen geldig bewijs van onderhoud afgeven voor Annex II luchtvaartuigen. Ook niet als zo’n bedrijf met EASA erkenning een onderhoudsaanwijzingen van de MD NL-2011-002R1 afgeeft.
 Lange tijd nam de ILT BvL aanvragen voor Annex II met bewijsvoering van EASA erkende bedrijven in behandeling. Dit viel de EASA tijdens een recente audit op, waarna het verzoek aan de ILT volgde om deze onjuiste werkwijze aan te passen.

Annex II en BvL
Naar aanleiding van de EASA Audit heeft de ILT een aantal maatregelen genomen om bewijzen van luchtwaardigheid van Annex II luchtvaartuigen zonder problemen mogelijk te maken;
Nederlandse EASA erkende bedrijven, met Annex II luchtvaartuigen op hun erkenning, hebben een Nationale (NL) erkenning voor Annex II luchtvaartuigen. De EASA erkenning is hierbij ook aangepast.
Het huidige aanvraagformulier voor BvL wordt op termijn vervangen door een Nationale BvL aanvraag en een EASA BvL aanvraag.
Onderaan de webpagina staan checklists waarmee eigenaren een volledige aanvraag kunnen indienen die zonder problemen en vertraging kan worden behandeld.

Cessna SID
De ILT ontvangt vragen van eigenaren en gebruikers van luchtvaartuigen over het “Cessna Supplementary Inspection Document” (SID). Dit document bevat onderhoudsinstructies voor de Cessna 100 en 200 series luchtvaartuigen. EASA heeft hierover het "Safety Information Bulletin (SIB) 2014-01" uitgegeven. Een veelgestelde vraag was of onderhoudsinstructies in het onderhoudsprogramma moeten worden verwerkt. Het antwoord hierop is ja, hieronder leest u hoe u dit kunt doen.

Wat moet u doen?
Als eigenaar of gebruiker bent u ervoor verantwoordelijk dat het onderhoudsprogramma voor uw luchtvaartuig in overeenstemming is met de instructies voor de permanente luchtwaardigheid, die door de TC-houder zijn afgegeven. Deze instructies moeten in het onderhoudsprogramma zijn verwerkt. Meer informatie over het onderhoudsprogramma vindt u in het “Informatiepakket onderhoudsprogramma’s voor luchtvaartuigen”. In dit document staat onder meer dat Instructions for Continuing Airworthiness voor ‘aging aircraft’ (waar de Cessna SID onder valt) in het onderhoudsprogramma moeten worden opgenomen. 

Afwijken van instructies in het onderhoudsprogramma
Aangezien het Cessna SID niet verplicht is gesteld door middel van een Airworthiness Directive of een Airworthiness Limitation, kunt u afwijken van de onderhoudsinstructies. Doe dit gemotiveerd en verwerk de afwijkingen in het onderhoudsprogramma. Vervolgens legt u het programma inclusief de technische onderbouwing, met behulp van het formulier "Aanvraag goedkeuring luchtvaartuig onderhoudsprogramma", ter beoordeling voor aan de ILT. De ILT zal bij de beoordeling rekening houden met het wetsvoorstel "Opinion 10-2013", dat eigenaren van vliegtuigen die voor privé-doeleinden worden gebruikt lastenverlichting biedt.

Uitvoeren van de eerste inspecties
In het Cessna Service Manual staat dat voor 30 juni 2014 de inspecties voor het eerst uitgevoerd moeten zijn. De ILT beschouwt deze datum niet als uiterste datum. Het gaat erom dat u bepaalt wanneer voor iedere taak de initiële inspectie voor het eerst moet worden uitgevoerd. Hiervoor geeft Cessna instructies in de Service Manuals, waarbij onder andere rekening wordt gehouden met het gebruik en de leeftijd van het vliegtuig. Als het vliegtuig over de initiële inspectie limieten is, dan kan op basis van Maintenance Directive NL-2011-001 mogelijk uitstel worden verleend.

FLA-registraties niet geldig
De Russische ‘Federation for Amateurs of Aviation’ (FLA) was en is niet bevoegd registraties van luchtvaartuigen en andere relevante documenten af te geven. Daarom voldoen luchtvaartuigen met FLA-registraties niet aan de eisen van luchtwaardigheid volgens de Wet luchtvaart.

Het Russische register van luchtvaartuigen wordt beheerd door het ‘Federal Air Transport Agency’(Rosaviatsia), de Russische tegenhanger van de ILT. Rosaviatsia geeft certificaten af met de landcode RA. Het gebruik door FLA van deze landcode, dat van tijd tot tijd geconstateerd wordt, is in strijd met de Russische wet.

De ILT treedt handhavend op tegen het uitvoeren van een vlucht met luchtvaartuigen zonder geldig bewijs van luchtwaardigheid.

 
Aircraft Technical Log (ATL)

Het ATL moet zijn goedgekeurd door de ILT. Hier kunt u het aanvraagformulier vinden.
Door wie moet een ATL gebruikt worden?
In Verordening (EU) 2015/1536 van de Commissie is in Annex I (Part-M) artikel M.A.306 de toepassingsbereik en inhoudelijke eisen vastgelegd voor het gebruik van het Aircraft Technical Log. De exploitant moet een ATL gebruiken voor luchtvaartuigen die worden ingezet voor:
• AOC houders met een exploitatievergunning
• Rondvluchtbedrijven
• Commercial Specialised Operations
• Commerciele ATO’s

Vanaf wanneer moeten de exploitant een ATL gebruiken? 
Voor AOC houders met een exploitatievergunning (zgn AOC A-B) en voor rondvluchtbedrijven (zgn AOC A-A) geldt de eis voor het gebruik van een ATL al.
Voor Commercial Specialised Operations en Commercial ATO moet uiterlijk per 21 april 2017 een ATL gebruikt worden. Zie Verordening (EU) 2015-1536 van de Commissie artikel 1 lid 5.

Voldoet het Oranje Journaal aan de eisen van een ATL? 
Niet geheel. Het Oranje Journaal, welke voorheen door ILT werd geleverd, voorziet niet in een lijst met uitgestelde defecten.

Aanvraag Ontheffing Luchtwaardigheid

De formulieren voor het aanvragen van ontheffingen op het gebied van luchtwaardigheid zijn te vinden op de webpagina Permit to Fly.

Er zijn drie verschillende formulieren voor de volgende drie situaties:

  • Een aanvraag voor een Permit to Fly zoals bedoeld in Subpart P van EASA Part 21 voor een luchtvaartuig dat in Nederland is geregistreerd (zie Form: Application permit to fly part 21);
  • Een aanvraag voor exemption zoals bedoeld in artikel 71.1 van de Basic Regulation (EC) 2018/1139 voor een luchtvaartuig dat in Nederland is geregistreerd (zie: Form: Application Exemption Article 71.1 Basic Regulation);
  • Een aanvraag voor een ontheffing van het verbod om in het Nederlandse luchtruim te vliegen zonder een geldig Bewijs van Luchtwaardigheid (artikel 3.8 van de Wet Luchtvaart). Dit formulier (Form: Application national permit to fly) is van toepassing op Nederlands geregistreerde luchtvaartuigen die òf vallen onder Annex I van de Basic Regulation, òf waarnaar in artikel 2.3(a) van de Basic Regulation wordt verwezen (State Aircraft), en voor buitenlands geregistreerde luchtvaartuigen die geen in Nederland geldig Bewijs van Luchtwaardigheid hebben.

Op het verlenen van ontheffingen op het gebied van luchtwaardigheid is het Normenkader ontheffingen luchtwaardigheid 2015 van toepasing.