Privacyverklaring Inlichtingen en Opsporingsdienst (IOD)

De bijzondere opsporingsdienst van IenW is als afdeling ondergebracht bij de ILT: dat is de Inlichtingen- en Opsporingsdienst van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT-IOD). 

De ILT-IOD is op grond van artikel 3 van de Wet op bijzondere opsporingsdiensten aangewezen als bijzondere opsporingsdienst (BOD) en onder gezag van de officier van justitie belast met de strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde op het werkterrein van het ministerie van IenW en voor een deel van het beleidsterrein voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (ondergebracht bij BZK). Op grond van genoemde wet moet een BOD een afzonderlijke organisatorische eenheid vormen binnen de organisatie binnen het ministerie waartoe zij behoort

Deze pagina is onderdeel van de algemene Privacyverklaring van de ILT. Daar vindt u meer informatie over de verwerking van persoonsgegevens door de ILT, wat uw rechten zijn als wij uw gegevens verwerken en hoe u contact met ons kunt opnemen als u vragen heeft.

Welke gegevens?

De ILT-IOD verwerkt in het kader van de uitvoering van haar taken persoonsgegevens. De ILT-IOD verwerkt daarbij naast persoonsgegevens waarop de AVG van toepassing is bij uitvoering van haar opsporingstaak ook een speciale categorie persoonsgegevens die niet onder het AVG-regime vallen, namelijk zogenoemde politiegegevens. Het specifieke privacy-regime dat voor politiegegevens geldt is geregeld in de Europese richtlijn gegevensbescherming opsporing en vervolging (rl (EU) 2016/680). Deze richtlijn is geïmplementeerd in de Wet politiegegevens (Wpg). De regels voor verwerking van politiegegevens houden onder meer in opsporingsinstanties als de ILT-IOD gelet op de aard van hun taak gegevens over burgers zonder hun medeweten kunnen verzamelen en verwerken.

De persoonsgegevens die de ILT-IOD bij de uitvoering van haar wettelijk taken verwerkt zijn niet voor iedereen toegankelijk. Alleen medewerkers die daartoe bevoegd zijn krijgen toegang tot deze gegevens. Zij mogen alleen die gegevens inzien die noodzakelijk zijn om hun werk te kunnen doen. Dit geldt in het bijzonder voor persoonsgegevens die worden verwerkt in het kader van de opsporing die worden verwerkt op grond van de Wpg (politiegegevens). Deze werkwijze van toegang tot de politiegegevens worden ook wel autorisaties genoemd en is wettelijk verankerd in artikel 6 Wpg.

Informatiebeveiliging

De artikelen 4, 4a en 4b van de Wpg verplichten de verwerkingsverantwoordelijke om verschillende maatregelen te treffen ter beveiliging van de verwerkte persoonsgegevens. Dit betreft technische en organisatorische maatregelen om te waarborgen dat de verwerking in overeenstemming met de richtlijn wordt verricht en de rechten van de betrokkenen worden beschermd.

De ILT-IOD neemt passende maatregelen – technisch en organisatorisch – om politie- en persoonsgegevens te beschermen tegen ongeoorloofde of onrechtmatige verwerking, tegen opzettelijk verlies, vernietiging of beschadiging.

Autorisaties

Een voorbeeld van een dergelijke maatregel is dat alleen medewerkers die daartoe bevoegd zijn krijgen toegang tot gegevens. Zij mogen alleen die gegevens inzien die zij nodig hebben om hun werk te kunnen doen.

Bewaartermijn, verwijderen en vernietigen

Bewaren

Persoonsgegevens worden niet langer bewaard dan noodzakelijk is voor het doel waarvoor de gegevens zijn verzameld dan wel op grond van de Wpg is vereist. Voor alle verwerkingen van persoonsgegevens geldt dat alleen die gegevens worden gebruikt die voor het betreffende doel noodzakelijk zijn. Voor de gegevens die op grond van de Wpg worden verwerkt gelden vaste bewaartermijnen.

Verwijderen en vernietigen

Na het verstrijken van de bewaartermijn worden persoonsgegevens verwijderd. De gegevens die op grond van de Wpg worden verwerkt kennen nog een relevant onderscheid tussen verwijderen en vernietigen. Indien dergelijke persoonsgegevens worden verwijderd zijn ze in bepaalde in de Wpg geregelde gevallen nog te raadplegen. Na het verstrijken van de daarvoor geldende Wpg termijn worden de gegevens vervolgens vernietigd. Op dat moment zijn ze ook niet meer door medewerkers van de ILT-IOD te raadplegen.

Archiveren

Net als andere onderdelen van de ILT is de ILT-IOD als overheidsorganisatie ook verplicht om uw gegevens volgens de termijnen van de Archiefwet te bewaren, zie Archiefwet|Nationaal Archief. Deze zijn uitgewerkt in de zogenoemde selectielijst die voor de ILT als dienstonderdeel van IenW geldt.

Delen van gegevens

De uitvoering van de wettelijke taak kan met zich meebrengen dat de ILT-IOD persoons- en politiegegevens, deelt met externe partners en partijen. Het delen van gegevens gebeurt altijd op basis van een wettelijke grondslag.

Persoonsgegevens

Ten aanzien van persoonsgegevens die op grond van de AVG worden verwerkt geldt dat de ILT-IOD die gegevens alleen mag delen als dat verenigbaar is met het doel waarvoor de gegevens zijn verzameld. Naast de algemene regel van verenigbaarheid geldt dat het verstrekken van gegevens gebaseerd moet zijn op een van de zes grondslagen uit artikel 6 van de AVG.

Politiegegevens

De ILT-IOD kan politiegegevens binnen het zogeheten Wpg-domein (politie, ILT-IOD, bijzondere opsporingsdiensten, boa’s en de Koninklijke Marechaussee) ter beschikking stellen op grond van artikel 15 Wpg. Hierbij geldt de ‘free flow of information’: in beginsel moeten politiegegevens binnen dit domein gedeeld worden. De ontvanger moet de politiegegevens wel nodig hebben voor zijn taak (‘need-to-know’ basis). Het ter beschikking stellen van politiegegevens kan onder omstandigheden worden geweigerd op grond van artikel 2:13 Besluit politiegegevens.

De ILT-IOD kan tevens politiegegevens delen met partijen buiten het Wpg-domein, mits daar uit de Wpg en het Besluit politiegegevens een grondslag voor is.

Voorafgaand aan het delen van politiegegevens door de ILT-IOD wordt er altijd een noodzakelijkheids-, subsidiariteit- en proportionaliteitsafweging gemaakt

Rechten van betrokkenen

De mensen op wie een persoons- of politiegegeven betrekking heeft wordt wettelijk een ‘betrokkene’ genoemd. Een betrokkene heeft de volgende rechten die voortvloeien uit de Wpg:

Recht op inzage

Een betrokkene heeft recht op informatie over de verwerking van zijn persoonsgegevens, Dit houdt in dat als u wilt weten of en welke persoonsgegevens de ILT-IOD van u verwerkt, u hiertoe een schriftelijk inzageverzoek kunt doen. Wanneer blijkt dat de ILT-IOD uw gegevens verwerkt, kunt u een verzoek doen om die persoonsgegevens in te zien en om de volgende informatie te verkrijgen:

  • de doelen en de rechtsgrond van de verwerking van uw gegevens;
  • de betrokken categorieën van politiegegevens;
  • de vraag of uw gegevens de afgelopen aan anderen zijn verstrekt en zo ja, aan wie; ,
  • de voorziene periode van opslag van uw gegevens of, indien dat niet mogelijk is, de criteria om die termijn te bepalen;
  • het recht te verzoeken om rectificatie, vernietiging of afscherming van uw gegevens;
  • de herkomst, voor zover beschikbaar, van de verwerking van uw gegevens.

De ILT-IOD behandelt uw verzoek binnen 6 weken.

In het geval de betrokkene tevens verdachte is, kan niet op grond van de Wpg recht op inzage worden verleend. In een dergelijke geval vindt verstrekking van processtukken plaats op grond van artikel 30 e.v. Wetboek van Strafvordering.

De zogenoemde “rechten van betrokkene” zijn nader uitgewerkt in paragraaf 4 van de Wpg.

Bovengenoemde rechten kunnen worden ingeperkt, onder meer ter voorkoming van nadelige gevolgen voor de opsporing en vervolging van strafbare feiten en de bescherming van de rechten en vrijheden van derden. Als inzage of rectificatie wordt geweigerd heeft u de mogelijkheid een verzoek tot bemiddeling te doen bij de Autoriteit persoonsgegevens of bij deze instantie een klacht in te dienen.

U kunt uw schriftelijke verzoeken sturen aan:

De ILT Inlichtingen- en Opsporingsdienst
T.a.v. de Strafrechthelpdesk
Postbus 16191
2500 BD Den Haag 

Het is in beginsel niet mogelijk om uw verzoek digitaal in te dienen. Bij een verzoek tot inzage van de eigen gegevens moet u een kopie van een geldig legitimatiebewijs mee te sturen ter verificatie van uw identiteit.