Vervoer vuurwerk over de weg

Voorafgaand aan het vervoer van vuurwerk over de weg, het spoor of de binnenwateren in Nederland is het verplicht om de classificatie van vuurwerk te laten autoriseren.

Toestemming bevoegde autoriteit nodig voor classificatiecode

In deel 3 van het ADR, RID of ADN is voor vuurwerkartikelen met UN-nummers 0333 tot en met 0337 bijzondere bepaling nummer 645 opgenomen. Deze bepaling stelt dat de classificatiecode (1.1G t/m 1.4S) slechts mag worden gebruikt met toestemming van de bevoegde autoriteit. De bevoegde autoriteit in Nederland is TNO.

Vuurwerkartikelen hoeven niet in Nederland te worden geautoriseerd als deze al zijn geautoriseerd door de bevoegde instantie in een lidstaat die is aangesloten bij het ADR, RID of ADN.

Aanvragen

Aanvragen voor autorisatie dienen te worden gedaan bij TNO op het volgende adres:

TNO/Energetische Materialen
Postbus 45
2280 AA Rijswijk

Checklist vuurwerk

Het vervoer van consumentenvuurwerk moet voldoen aan de eisen van het ADR. Met consumentenvuurwerk wordt vuurwerk bedoeld van klasse 1.4G (UN0336) en 1.4S (UN0337).

Bij vervoer tot een bepaalde maximale hoeveelheid netto explosief gewicht kan gebruikt gemaakt worden van een gedeeltelijke vrijstelling van het ADR. De grens hiervoor is een netto explosief gewicht van 333 kg van de klasse 1.4G. Vuurwerk van de klasse 1.4S mag onbeperkt meegenomen worden onder deze gedeeltelijke vrijstelling.

In onderstaande checklisten vindt u een overzicht van de eisen waaraan het transport van consumentenvuurwerk moet voldoen. De eerste checklist kan gebruikt worden voor vervoer onder de gedeeltelijke vrijstelling van het ADR. De andere is voor volledige toepassing van het ADR.

Eisen binnenverpakking vuurwerk

Het ADR schrijft voor dat vuurwerk moet worden verpakt volgens verpakkingsinstructie P135. Hierin staat dat de stof (in dit geval het vuurwerk) moet worden verpakt in een samengestelde verpakking die bestaat uit een binnenverpakking en een buitenverpakking. Daarnaast moeten de verpakkingen voldoen aan de algemene en de bijzondere verpakkingsvoorschriften. Bij het onderwerp verpakken, te vinden onder ‘voorschriften voor vervoer’ vindt u hierover meer informatie.

Met betrekking tot binnenverpakking van vuurwerk neemt de inspectie het volgende standpunt in:

  • de binnenverpakking moet het artikel geheel omsluiten
  • als artikel wordt aangemerkt, het voorwerp dat wordt verkocht
  • de binnenverpakking moet zodanig zijn dat de ontplofbare stof zich niet in de buitenverpakking kan verspreiden.

Voorbeelden van binnenverpakkingen die niet voldoen aan deze eisen zijn batterij/combinaties waarop alleen één (groen) velletje papier ligt of vuurwerkbommen waarvan de bol/cilinder wel, maar de lont niet, is ingepakt.

Vanaf 1 juli 2012 gaat de inspectie repressief optreden als de binnenverpakking ontbreekt of niet voldoet aan de voorschriften. Het gevolg hiervan kan zijn dat het vervoer wordt opgehouden totdat voldaan wordt aan de wet- en regelgeving. Ook kan er een proces-verbaal worden opgemaakt.    

Checklist vuurwerk

Het vervoer van consumentenvuurwerk moet voldoen aan de eisen van het ADR. Met consumentenvuurwerk wordt vuurwerk bedoeld van klasse 1.4G (UN0336) en 1.4S (UN0337).

Bij vervoer tot een bepaalde maximale hoeveelheid netto explosief gewicht kan gebruikt gemaakt worden van een gedeeltelijke vrijstelling van het ADR. De grens hiervoor is een netto explosief gewicht van 333 kg van de klasse 1.4G. Vuurwerk van de klasse 1.4S mag onbeperkt meegenomen worden onder deze gedeeltelijke vrijstelling.

In onderstaande checklisten vindt u een overzicht van de eisen waaraan het transport van consumentenvuurwerk moet voldoen. De eerste checklist kan gebruikt worden voor vervoer onder de gedeeltelijke vrijstelling van het ADR. De andere is voor volledige toepassing van het ADR.

Eisen binnenverpakking vuurwerk

Het ADR schrijft voor dat vuurwerk moet worden verpakt volgens verpakkingsinstructie P135. Hierin staat dat de stof (in dit geval het vuurwerk) moet worden verpakt in een samengestelde verpakking die bestaat uit een binnenverpakking en een buitenverpakking. Daarnaast moeten de verpakkingen voldoen aan de algemene en de bijzondere verpakkingsvoorschriften. Bij het onderwerp verpakken, te vinden onder ‘voorschriften voor vervoer’ vindt u hierover meer informatie.

Met betrekking tot de binnenverpakking van vuurwerk neemt de inspectie het volgende standpunt in:

  • de binnenverpakking moet het artikel geheel omsluiten
  • als artikel wordt aangemerkt, het voorwerp dat wordt verkocht
  • de binnenverpakking moet zodanig zijn dat de ontplofbare stof zich niet in de buitenverpakking kan verspreiden.

Voorbeelden van binnenverpakkingen die niet voldoen aan deze eisen zijn batterij/combinaties waarop alleen één (groen) velletje papier ligt of vuurwerkbommen waarvan de bol/cilinder wel, maar de lont niet, is ingepakt.

Sinds 1 juli 2012 treedt de inspectie repressief op als de binnenverpakking ontbreekt of niet voldoet aan de voorschriften. Het gevolg hiervan kan zijn dat het vervoer wordt opgehouden totdat voldaan wordt aan de wet- en regelgeving. Ook kan er een proces-verbaal worden opgemaakt.

Zie ook

Hoort bij