Toelatingshouders biociden

Wie voor het eerst een biocide op (een deel van) de Europese markt aanbiedt, levert of gebruikt moet daarvoor een zogeheten toelating aanvragen bij het Ctgb. Zodra hij die toelating heeft gekregen, staat hij als toelatinghouder bij het Ctgb geregistreerd.

Toelatinghouders moeten gegevens bijhouden

Elk bedrijf dat biociden distribueert, levert of aflevert is wettelijk verplicht daar gegevens van bij te houden. Het gaat om:

  • de naam van de biocide en het toelatingsnummer,
  • het aantal verpakkingseenheden per levering,
  • de totale voorraad en mutaties in de voorraad,
  • de naam, het adres en de woonplaats van de leverancier en de afnemer van de biocide.

Distributeurs van biociden zijn bovendien verplicht ervoor te zorgen dat ze hun biociden uitsluitend leveren aan gebruikers (of hun personeel) die in de toelating staan vermeld.

Voorschriften voor classificatie, de verpakking en de etikettering van biociden

Toelatinghouders moeten voldoen aan wettelijke eisen op het gebied van de classificatie, de verpakking en de etikettering van biociden.

Voor de classificatie van toegelaten biociden moeten toelatinghouders zich houden aan de classificatie van het Ctgb.

Het Ctgb gebruikt de etiketteringeisen uit Europese regelgeving, vooral voor wat betreft de aanduidingen van de gevaren die aan biociden zijn verbonden (bekend als de H- of risicozinnen) en de veiligheidsaanbevelingen (de P- of voorzorgszinnen). In de bijlage van een toelatingsbesluit vermeldt de Ctgb bovendien de (gebruiks)voorschriften van het Wettelijk Gebruiksvoorschrift en Gebruiksaanwijzing of de zogeheten Samenvatting van ProductKenmerken (SPC).

Tot slot moet een toelatinghouder het toelatingsnummer, zijn naam en adres op het etiket vermelden.

Voorschriften voor reclame en aanprijzing van biociden

Het is niet toegestaan niet-toegelaten biociden aan te prijzen of aan te bevelen op internet, in folders/brochures of anderszins. Daarnaast moet een toelatinghouder in elke reclame voor een biocide de volgende zin opnemen: ‘Gebruik biociden veilig. Lees vóór het gebruik eerst het etiket en de productinformatie.’ Tot slot mag reclame voor biociden niet misleidend zijn en in geen geval de volgende vermeldingen bevatten: ‘biocide met gering risico’, ‘niet-giftig’, ‘onschadelijk’, ‘natuurlijk’, ‘milieuvriendelijk’, ‘diervriendelijk’ en dergelijke.

Meldingen en verzoeken van toelatinghouders

Toelatingshouders moeten de volgende omstandigheden/gevallen op het gebied van biociden melden:

  • het voornemen – ter voorbereiding op een toelatingsaanvraag – om voor onderzoek of ontwikkeling een proef of experiment met biociden uit te voeren;
  • het intrekken van een toelating (op grond van een Europees verbod of op verzoek van de toelatinghouder zelf);
  • een voorgenomen wederzijdse erkenning: de erkenning van een biocide of product waarin een biocide is verwerkt dat al in een ander land is toegelaten.

Let op: meld bij het Ctgb, niet bij de ILT

Meld de genoemde gevallen bij het Ctgb. Gebruik hiervoor het formulier Melding biociden beschikkingen proeven Ctgb. Het Ctgb brengt de ILT op de hoogte van zijn besluiten in voornoemde gevallen, zodat die kan toezien op productie en gebruik.

Zie ook