Deze uitleg helpt u bij het invullen van een EVOA-kennisgeving, zodat deze aan alle eisen voldoet van de EVOA. Lees wat u invult op het formulier en waar u rekening mee moet houden.
Melden van transporten na toestemming
Voor het melden van transporten na toestemming is een aparte handreiking beschikbaar, de Invulhulp EVOA Transportmeldingen.
Informatie over procedure en aanvragen EVOA kennisgeving
- Uitgebreide informatie over de procedure rond de kennisgeving vindt u op Procedure EVOA-kennisgeving.
- Informatie over het aanvragen van een kennisgeving staat op EVOA-kennisgeving aanvragen. De stappen van aanvraag tot goedkeuring zijn er overzichtelijk weergegeven.
Deel I - Kennisgevingsdocument
U kunt een kennisgeving indienen in het Digital Waste Shipment System (DIWASS). Heeft u nog geen account in DIWASS, maak er dan eerst een aan. Zodra de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) uw account heeft goedgekeurd, kunt u uw bedrijf registreren. Bij het aanmaken van een kennisgeving worden de gegevens van uw bedrijf automatisch ingevuld. Controleer of de contactgegevens juist en actueel zijn. Een telefoonnummer en een e-mailadres zijn verplicht.
Kennisgever
Wilt u afvalstoffen overbrengen vanuit Nederland naar een ander land? Dan moet u volgens de artikel 2 lid 15 van de EVOA als kennisgever optreden. Welke partijen kennisgever (kunnen) zijn, staat op Procedure EVOA-kennisgeving.
Geen kennisgever? Machtiging nodig
Treedt de producent (vak 9) niet op als kennisgever (vak 1)? Dan is een machtiging nodig. Gebruik in dat geval de modelmachtigingen op deze website:
- Machtiging voor een geregistreerd handelaar of makelaar
- Machtiging voor administratieve afhandeling kennisgeving
Financiële zekerheid
De kennisgever moet een financiële zekerheid stellen in de vorm van een borgsom of gelijkwaardige verzekering. Meer informatie daarover staat in 'Bijlage 1' onderaan deze pagina.
Nuttige toepassing of verwijdering? Contract afsluiten
Is deze aanvraag voor nuttige toepassing of verwijdering van afvalstoffen? Dan moeten de kennisgever en de ontvanger een contract afsluiten. Dit geldt voor elke overbrenging van afvalstoffen waarvoor een kennisgeving is vereist. Meer informatie over contracten vindt u in artikel 5 van de EVOA.
U kunt in vak 2 alleen een bedrijf met een DIWASS-registratie invullen. Controleer dat de contactgegevens juist en actueel zijn. Het opgeven van een telefoonnummer en een e-mailadres is verplicht.
Vak 3
In vak 3 genereert DIWASS het kennisgevingsnummer zodra u het formulier voor het eerst opslaat.
Vak 3 bestaat uit 2 delen: 'This notification is created' en 'This notification concerns'.
Het 1e deel ‘This notification is created' is alleen van toepassing wanneer:
- Het om een vervolg-kennisgeving gaat volgens artikel 9, lid 3. Vul in dat geval het nummer van de vorige kennisgeving in bij 'in relation with notification no or Annex VII no'.
- Het een retourtransport is volgens artikel 22. Selecteer in dat geval 'Yes' bij Due to take back.
- Het een illegaal transport is volgens artikel 25. Selecteer in dat geval 'yes' bij 'Due to detection of illegal shipments of waste'.
Het 2e deel 'This notification concerns' vult u de gegevens zo in:
- Bij 'Individual shipment of waste' vult u in of het gaat om een eenmalige overbrenging of om meerdere overbrengingen.
- Bij 'Destined For' vult u in of het om verwijdering gaat of nuttige toepassing.
- Bij 'Shipment of waste destined for pre-consent recovery facility' vult u in of de verwerkingslocatie de status heeft van Vooraf Goedgekeurde Inrichting (VGI). Controleer of de verwerkingslocatie ook een vergunning heeft voor de afvalstoffen die u wilt overbrengen. En of de looptijd van de goedkeuring overeenkomt met de overbrengingsperiode die u invult in vak 6. Ga voor het internationale overzicht van VGI-bedrijven (pre-consented recovery facilities) naar The OECD Control System for waste recovery op de website van de Organisation for Economic Co-operation and Development, OECD (Engelstalig).
- Heeft de verwerkingslocatie een VGI-status? Dan moet u kunnen aantonen dat de locatie een vooraf goedgekeurde inrichting is. Voeg dit bewijs toe als bijlage bij de kennisgeving.
Vak 3.1
Adres waar transport begint.
Vul in vak 3.1 het adres in van de locatie waar het transport zal beginnen. Dit is vaak gelijk aan het adres van de producent of aan een nevenlocatie die in DIWASS is geregistreerd.
In vak 4 vult u het aantal transporten in die in de periode vermeld in vak 6 uitgevoerd kunnen worden. Brengt u de afvalstoffen over naar een vooraf goedgekeurde inrichting (VGI) en kiest u voor een langere overbrengingsperiode? Pas dan het aantal overbrengingen hierop aan.
Vul zo nodig een wat ruimer aantal overbrengingen in. Voor een verzoek tot verhoging van het aantal overbrengingen is namelijk instemming nodig van alle betrokken autoriteiten. In het buitenland kunnen kosten (leges) berekend worden op basis van het aantal overbrengingen of de hoeveelheid afvalstoffen die u wilt overbrengen.
Bij meerdere typen vervoermiddelen
Worden er meerdere typen vervoermiddelen gebruikt (bijvoorbeeld schip en vrachtwagen), dan is het kleinste vervoermiddel (in dit geval de vrachtwagen) leidend voor het aantal transporten. Alleen in bepaalde uitzonderingen kunt u de grootste transporteenheid aanhouden voor het aantal overbrengingen. Hierbij gelden de volgende voorwaarden:
- Het moeten bulktransporten zijn. Bij containers, tankwagens, enzovoort is de grootste transporteenheid nooit mogelijk.
- De ILT kijkt naar het gedeelte van het transport dat in Nederland plaatsvindt.
Daarnaast geldt voor uitvoerkennisgevingen:
- De grootste transporteenheid is alleen mogelijk voor het inladen van afval in schepen binnen het haventerrein.
En geldt voor invoerkennisgevingen:
- De kleinste transporteenheid is verplicht als het laatste gedeelte van het transport naar de verwerkingslocatie in Nederland over de weg plaatsvindt.
Hoeveelheid in tonnen
Vul de totale hoeveelheid afvalstoffen in tonnen in.
- Gebruik in duizendtallen geen komma maar een punt of spatie. Bijvoorbeeld: ton (Mg): 10.000 ton of 10 000 ton.
- Kubieke meters hoeft u in principe niet in te vullen, maar sommige buitenlandse autoriteiten willen de hoeveelheid wel in kubieke meters.
Na goedkeuring geen verhoging hoeveelheid afvalstoffen
U kunt na goedkeuring van de kennisgeving geen verhoging aanvragen bij de ILT van de hoeveelheid afvalstoffen die u wilt overbrengen.
VGI: totale hoeveelheid voor hele periode
Bij een vooraf goedgekeurde inrichting (VGI) moet u de totale geplande hoeveelheid te transporteren afvalstoffen invullen voor de hele periode die u in vak 6 invult.
Overbrengingsperiode
De overbrengingsperiode is maximaal 1 jaar.
Overbrengingsperiode VGI
Bij overbrenging naar een vooraf goedgekeurde inrichting (VGI) kunt u een overbrengingsperiode aanvragen van maximaal 3 jaar. Is dat het geval, vermeld dan in vak 4 het aantal transporten en in vak 5 de totale hoeveelheid voor de hele periode.
Periode invullen
Vul de eerste en laatste dag in van de periode. Bij een periode van 1 jaar vult u het zo in:
- Eerste vertrek: 1 mei 2022, Laatste vertrek: 30 april 2023
Dus niet:
- Eerste vertrek: 1 mei 2022, Laatste vertrek: 1 mei 2023
Vul hier de wijze van verpakken in aan de hand van de codes (nummers). DIWASS geeft aan welke code waar voor staat. U bent ook verplicht om aan te geven of er bijzondere behandelingseisen zijn.
- Kiest u ‘Ja’ bij ‘Bijzondere behandelingseisen’? Vermeld deze eisen dan in de omschrijving van de verpakking.
- Kiest u 'Overig' bij ‘Verpakkingstype' (nummer 9)? Vul bij de omschrijving dan de verpakkingswijze in (bijvoorbeeld IBC of tankwagen).
Verpakkingstype(n)
- Vaten
- Houden vaten
- Blikken (jerrycans)
- Kisten
- Zakken
- Samengestelde verpakking
- Drukcontainers
- Onverpakt
- Overige (vermeld welke typen)
Om een vervoerder te kunnen toevoegen in DIWASS, moet de vervoerder ook geregistreerd zijn in DIWASS. Voor iedere vervoerder die u toevoegt, selecteert u ook de vervoerwijze van de vervoerder (zie hieronder bij Vervoerwijze).
Voeg daarnaast als bijlage de registratie- en verzekeringsbewijzen bij van alle vervoerders, inclusief het VIHB-certificaat bewijs. Meer informatie daarover vindt u op deze pagina in Onderdeel III - Bijlage 3 Transport.
Vervoerwijze
Vul bij vervoerswijze(n) de code(s) in op de achterzijde van het kennisgevingsdocument:
- A (Vliegtuig)
- R (Weg)
- S (Zee)
- T (Trein)
- W (Binnenwateren)
Producent(en) invullen
In vak 9 vermeldt u de producent(en) van de afvalstoffen (1e producent of nieuwe producent). U kunt een producent kan alleen toevoegen als het bedrijf is geregistreerd in DIWASS.
De producent moet het kennisgevingsdocument mede-authentiseren in DIWASS.
Diverse producenten
Zijn de afvalstoffen ontstaan door inzameling bij diverse producenten en is de kennisgever (inzamelaar) in vak 1 ook vermeld in vak 9? Dan moet u in een bijlage vermelden bij welke producenten de afvalstoffen zijn ingezameld. Dat kan op brancheniveau, bijvoorbeeld 'garages'.
1 producent
Heeft u 1 producent opgegeven? Dan moet u deze producent ook in vak 1 vermelden als kennisgever, tenzij een andere natuurlijke of rechtspersoon als kennisgever optreedt (op grond van artikel 2 punt 15 van de EVOA). In dat geval moet de producent het kennisgevingsdocument mede ondertekenen (vak 17).
Locatie en wijze van ontstaan afvalstoffen
Onderaan vak 9 bij ‘Locatie waarop en proces waarbij de afvalstoffen zijn ontstaan’ vult u in waar de afvalstoffen zijn ontstaan en door middel van welk proces. Bijvoorbeeld: Afvalproducent Amsterdam, inzameling afvalstoffen.

Verwerker en verwerkingslocatie
In vak 10 vermeldt u de verwerker van de afvalstoffen. U kunt alleen een verwerker toevoegen als het bedrijf is geregistreerd in DIWASS. Geef ook aan of het gaat om een inrichting voor verwijdering of een inrichting voor nuttige toepassing.
Voorlopige verwijdering of voorlopige nuttige toepassing
Gaat het om voorlopige verwijdering (codes D8, D9, D13, D14 of D15) of voorlopige nuttige toepassing (codes R12 of R13)? Selecteer dan 'interim facility'. Vul vervolgens in 10.1 en 10.2 de feitelijke locaties van verwijdering of nuttige toepassing in.
Verdere verwerking bij meerdere bedrijven
Vindt een verdere verwerking vanwege de opgegeven voorlopige handeling plaats bij meerdere bedrijven? Vermeld dan in een bijlage welke fracties van de afvalstof op welke wijze bij welke bedrijven worden verwerkt. Meer informatie over de gegevens die u moet vermelden vindt u in deel III van deze handreiking, Bijlage 5: Verwerking.
Groenelijstafvalstoffen
Ontstaan bij de voorlopige verwijdering of voorlopige nuttige toepassing zogenaamde groenelijstafvalstoffen? Dan hoeft u alleen op brancheniveau aan te geven waar de afvalstoffen definitief worden verwerkt. Ga voor meer informatie naar Indeling afvalstoffen EVOA.
Vak 10.1 en 10.2 Vervolg voorlopige- of definitieve afvalverwerkingsinstallaties
In vak 10.1 vult u alle locaties van verwerking in die buiten het land van bestemming liggen. In vak 10.2 vult u de locaties van verwerking in als die in hetzelfde land zijn als het land van bestemming (oftewel, land van de verwerker in vak 10).
Verdere verwerking bij meerdere bedrijven
Vindt een verdere verwerking vanwege de voorlopige handeling plaats bij meerdere bedrijven? Vermeld dan in een bijlage welke fracties van de afvalstof, op welke wijze, en bij welke bedrijven worden verwerkt. Meer informatie over de gegevens die u moet vermelden vindt u in bijlage 5: Verwerking in deel III van deze handreiking.
Verwerking afvalstoffen
In vak 11 geeft u aan hoe de afvalstoffen worden verwerkt. Dit doet u zo:
- Vermeld de R-code of D-code. Deze staan in het dropdownmenu in DIWASS.
- Omschrijf de gebruikte technologie.
- Geef de reden voor uitvoer op.
Beschrijf in een aparte bijlage welke bewerkingen op de afvalstoffen worden toegepast met de daarbij gebruikte technologie. Meer informatie hierover vindt u in bijlage 5: Verwerking in deel III - bijlage 5 van deze invulhulp.
Reden van uitvoer
De ‘Reden van uitvoer’ is een verplicht veld in DIWASS. U vult dit in wanneer u voor verwijdering bestemde afvalstoffen naar NL importeert vanuit een niet-EU-land. U geeft aan wat de reden hiervoor is. De reden van uitvoer is een verzoek van het land van verzending om de afvalstoffen in de EU te kunnen invoeren op basis van artikel artikel 50 lid 4 van de EVOA.
Is dit niet de reden, vul dan in: niet van toepassing.
Voorlopige handeling
Gaat het om een voorlopige handeling (codes R12, R13 of D13, D14, D15)? Vul dan in vak 11 zowel de voorlopige handeling als de definitieve handeling in.
Gaat het om een voorlopige handeling (codes R12, R13 of D8, D9, D13, D14, D15)? Vul dan in vak 11 '(technology employed') zowel de voorlopige handeling als de definitieve handeling in.
Vermeld hier de benaming en samenstelling van de afvalstoffen:
- De benaming van de afvalstoffen of de handelsnaam en de benamingen van de belangrijkste bestanddelen (hoeveelheid of gevaar).
- De samenstelling (concentraties) van de afvalstoffen.
Neem aanvullende informatie over de samenstelling op in een aparte bijlage. Meer informatie hierover vindt u in deel III van deze handreiking onder Bijlage 4: Herkomst en samenstelling.
Vul hier de code (het nummer) in voor de fysische eigenschappen van de afvalstoffen bij normale temperatuur en bij druk. De codes staan in de lijst hieronder. Deze code wordt ook gebruikt voor het bepalen van de borgstelling.
De codes (nummers) zoals vermeld op de achterzijde van het kennisgevingsdocument:
- Poederig/poeder
- Vast
- Brei/pasta
- Slurrie
- Vloeibaar
- Gasvormig
- Andere (vermeld de eigenschap)
Bij het invullen van de codes in vak 14 gelden de volgende regels:
- Vul de Basel- of OESO-code in.
- U kunt maar 1 afvalcode opgeven uit bijlage III, IIIA, IIIB, IV of IVA.
- De Basel- en OESO-code mogen niet beide ingevuld zijn.
- Bestaat er geen code voor de afvalstof, houdt de velden dan leeg.
- Voeg alle Eural-codes (EU list of waste) toe die van toepassing zijn. Dit veld is verplicht.
- Vul de nationale code in van het land van uitvoer of invoer (wanneer van toepassing op de over te brengen afvalstoffen).
- De Y-code is volgens de EVOA en het OESO-besluit niet vereist, behalve wanneer de overbrenging van afvalstoffen onder categorie Y46-Y49 valt van het Verdrag van Bazel. In dat geval vult u bij 14i de Bazel-code in.
- De codes die u moet gebruiken bij H-nummer en VN-klasse vindt u in de EVOA in Bijlage IB.
- Heeft u een VN-klasse opgegeven? Dan moet u ook het VN-nummer en de VN-vervoersaanduiding invullen. Daarbij moet u de codes en omschrijvingen aanhouden in de Wet vervoer gevaarlijke stoffen (ADR). Afhankelijk van de gevaareigenschappen van de afvalstoffen, kunnen er op grond van het ADR regels gelden voor het transport. Bijlage A, 5.4.1.1 van het ADR vereist dat op het transportdocument de juiste vervoersnaam is vermeld.
- U moet bij in- en uitvoer uit de EU ook de douanecode(s) opgeven, zodat douanekantoren het afval kunnen identificeren. Gebruik de lijst van codes en goederen volgens het Geharmoniseerd Systeem van de Wereld Douane Organisatie. Ga voor meer informatie naar veelgestelde vragen over Harmonized System op de website van de World Customs Organization (Engels). Of bekijk de harmonized system codes op foreign-trade.com (Engels).
Ondertekening door kennisgever en producent
In DIWASS vind de ondertekening plaats via authenticatie. De kennisgever en de producent worden afzonderlijk gevraagd te authentiseren.
Ondertekening door gemachtigde
Voeg een machtiging bij met omschrijving van de activiteiten waarvoor de machtiging geldt. Gebruik hiervoor de modelmachtiging Machtiging voor een geregistreerd handelaar of makelaar.
Deze machtiging moet zijn ondertekend door de nieuwe kennisgever en producent.
Deel II - Vervoersdocument
Het vervoersdocument wordt automatisch door DIWASS gegenereerd nadat een positief besluit is afgegeven door alle betrokken autoriteiten. U kunt vervolgens in DIWASS het aangemaakte vervoersdocument aanvullen met de gegevens voor ieder transport. Ieder betrokken bedrijf in de keten (kennisgever, transporteur, ontvanger, verwerker) zal het vervoersdocument verder aanvullen in het verloop van het transport en verwerking.
De regels voor het melden van een transport en invullen van het vervoersdocument vindt u op Invulhulp Transportmeldingen EVOA.
Deel III - Bijlagen
In EVOA bijlage II, deel 1 en 2, staat voor welke informatie op het kennisgevingsdocument en vervoersdocument u een bijlage kan aanleveren. De aanvullende informatie en documentatie uit EVOA bijlage II deel 3 kunt u toevoegen als bijlagen.
Let op: Vermeld op elke bijlage het kennisgevingsnummer uit vak 3 van het kennisgevingsdocument.
Bij het aanvragen van een EVOA kennisgeving moet volgens Artikel 6 - Borgsom van de EVOA een financiële zekerheid worden gesteld. Het meest gemakkelijke en gebruikelijke type is een borgsom (deposito of bankgarantie). De EVOA bevat ook de mogelijkheid voor een gelijkwaardige verzekering. Deze mogelijkheid is ongebruikelijk en complexer, en vraagt meer tijd om te controleren.
De financiële zekerheid is bedoeld voor de autoriteit van verzending ter dekking van de kosten die ontstaan vanwege:
- Terugname ingeval een transport niet als gepland kan worden voltooid (artikel 22 van de EVOA).
- Terugname bij illegale overbrenging (artikel 25 van de EVOA).
De kennisgever stelt meestal de financiële zekerheid, ten gunste van de autoriteit van verzending. Een derde kan de financiële zekerheid stellen op voorwaarde dat de kennisgever als betalingsplichtige wordt vermeld.
Bij de Nederlandse autoriteit kunt u op 3 manieren voldoen aan de verplichting tot financiële zekerheid:
- Het bedrag storten op rekening van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.
- Een bankgarantie laten afgeven ten behoeve van de Staat der Nederlanden.
- Het afsluiten van een gelijkwaardige verzekering (dit is ongebruikelijk).
Bankgarantie opsturen
Laat u een bankgarantie afgeven, stuur dan het originele exemplaar naar:
Inspectie Leefomgeving en Transport
Leefomgeving Afvalstoffen/EVOA
Graadt van Roggenweg 500
3531 AH Utrecht
U kunt uw bank ook de bankgarantie laten e-mailen naar evoa@ilent.nl, als uw bank daarmee akkoord gaat.
Hoogte financiële zekerheid
De hoogte van de financiële zekerheid wordt in Nederland bepaald aan de hand van de Regeling EG-verordening overbrenging van afvalstoffen. Ga voor informatie over de belangrijkste uitgangspunten in deze regeling naar Voorwaarden en hoogte borg afvaltransport.
Voor de berekening van de hoogte van de borg voor een kennisgeving, kunt u gebruik maken van de Afval Borgtool.
Meer informatie
Ga voor informatie over voorwaarden, hoogte van de financiële zekerheid, bankgarantie en deposito naar Voorwaarden en hoogte borg afvaltransport.
Modelcontracten
Het contract dat u aanlevert, moet voldoen aan de EVOA (zie EVOA bijlage II, deel 1, onder 22 en 23, en deel 3, onder 12).
U vindt het modelcontract in 3 talen (Nederlands, Duits en Engels) op Voorbeelden van verplichte bijlagen bij kennisgeving. Maakt u gebruikt van dit modelcontract, dan voldoet u aan de bepalingen van de EVOA.
Let op: Vermeld het kennisgevingsnummer uit vak 3 van het kennisgevingsdocument in het contract. Vul de naam in van de bevoegde vertegenwoordiger die het contract ondertekent en de datum van ondertekening. Alleen een bedrijfsnaam invullen is niet voldoende.
Ontvanger en verwerker andere rechtspersoon
Zijn de ontvanger en de verwerker van de afvalstoffen niet van hetzelfde bedrijf (andere rechtspersoon)? Dan moet het contract ondertekend worden door de kennisgever, de ontvanger en de verwerker.
Verplichte verklaring Afvalstoffenbelasting Buitenland
Voor de Afvalstoffenbelasting Buitenland moet u een schriftelijke verklaring hebben van de ontvanger van de afvalstoffen. In deze schriftelijke verklaring maakt de ontvanger inzichtelijk op welke manier de overgebrachte afvalstoffen zijn ontvangen en verwerkt. In het EVOA-contract is geen verplichting opgenomen voor de ontvanger om deze schriftelijke verklaring aan te leveren. U moet hierover zelf afspraken maken met de ontvanger van de afvalstoffen.
Routebeschrijving
- Voeg als bijlage een beschrijving toe van de route van de afvalstoffen van de vertreklocatie naar de verwerker. Vermeld alle grensovergangen, dus ook die van de doorvoerlanden. Heeft een grensovergang meerdere wegen, geef dan het wegnummer op van de grensovergang.
- Geef de lengte op van de route tussen de vertreklocatie en de verwerkingslocatie.
Registratiebewijs vervoerder
Vervoer over de weg, binnenwater en spoor
Voor iedere vervoerder die in Nederland afvalstoffen vervoert moet een VIHB-registratie worden overgelegd. Deze VIHB-registratie moet geldig zijn tijdens de overbrenging. U kunt ook volstaan met een verklaring dat alle vervoerders een geldige VIHB-registratie hebben. In de verklaring moeten naam, adres, woonplaats en het VIHB-registratienummer van de vervoerder staan.
Let op: ook een in het buitenland gevestigde vervoerder die in Nederland afvalstoffen vervoert, moet zich laten registreren op de VIHB-lijst bij het NIWO.
Ga voor meer informatie naar VIHB-nummer op de website van het Landelijk Meldpunt Afvalstoffen. Of ga naar VIHB-registratie afval op de website van de Nationale en Internationale Wegvervoer Organisatie (NIWO).
Vervoer met zee- en binnenvaartschepen
Bij vervoer van afvalstoffen met zeeschepen vult u de gegevens in van de rederij(en) zoals omschreven bij vak 8. U kunt ook een registratiebewijs bijvoegen van de International Maritime Organization (IMO) of een verklaring (van de kennisgever) dat het zeeschip bij de IMO geregistreerd is.
Vermeld bij binnenvaartschepen het registratienummer van het schip. U kunt ook volstaan met een verklaring (van de kennisgever) dat het schip geregistreerd is.
Expediteur
Wanneer een expediteur de transporten laat uitvoeren door verschillende vervoerders, moet u de registratiebewijzen bijvoegen van deze vervoerders. Als deze vervoerders over Nederlands grondgebied transporteren, dan moet u een VIHB-registratie bijvoegen. U kunt ook volstaan met een verklaring dat alle vervoerders een VIHB-registratie hebben. In deze verklaring moeten naam, adres, woonplaats en het VIHB-registratienummer van de vervoerder staan.
Verzekeringsbewijs vervoerder
U moet een bewijs van verzekering bijvoegen tegen aansprakelijkheid voor schade aan derden. Dit doet u voor iedere vervoerder die in Nederland afvalstoffen vervoert. De verzekering moet ten minste geldig zijn bij aanvang van de overbrengingsperiode (de startdatum op het kennisgevingsdocument in vak 6, geplande periode voor de overbrengingen).
Transport buiten de EU
Voert u afvalstoffen uit naar een land buiten de Europese Unie? Dan hoeft u geen registratiebewijzen of registratieverklaringen en verzekeringsbewijzen bij te voegen voor vervoerders die de transporten verzorgen buiten de Europese Unie.
Lijst van vervoerders
Zijn er meerdere vervoerders, dan kunt u ook een lijst bijvoegen van de vervoerders. Voor deze lijst bestaat geen vastgesteld format. Vermeld de registratienummers (voor Nederland: VIHB-nummer), polisnummers, contact- en adresgegevens van de vervoerders.
Let op: Als kennisgever moet u de aanlevereisen nagaan van de autoriteit van bestemming. Vraagt deze autoriteit om een kopie van een VIHB-registratie of een verzekeringspolis en kunt u niet volstaan met een lijst van vervoerders? Voeg deze documenten dan toe als bijlage bij het aanvragen van de kennisgeving. Daarmee voorkomt u dat de autoriteit van bestemming bij het toetsen alsnog hierom zal vragen.
Aanvullende informatie
Vak 7 Kennisgevings- en Vervoersdocument
Heeft u aangegeven dat er voor de afvalstoffen tijdens het transport ‘Bijzondere behandelingseisen’ nodig zijn? Dan moet u deze maatregelen in een bijlage opnemen.
1. Omschrijf in een bijlage de herkomst van de afvalstoffen:
- Het productieproces waarbij de afvalstoffen zijn ontstaan. Komen de afvalstoffen uit verschillende bronnen of uit inzameling, geef dan op brancheniveau aan waar de afvalstoffen worden ingezameld.
2. Geef in een bijlage de samenstelling op van de afvalstoffen. De opgave van de afvalstoffen moet:
- Nauwkeurig en volledig zijn.
- Een zo smal mogelijke bandbreedte van verschillende kenmerken bevatten.
- 100% dekkend zijn.
Gaat het om afvalstoffen die bestaan uit mengsels of gemengde stromen, zoals bouw- en sloopafval of bedrijfsafval? Dan moet u:
- De fracties aangeven die voor nuttige toepassing zijn bestemd.
- De percentages onderverdelen in gemiddelden en een zo smal mogelijke bandbreedte.
- De restfracties onderverdelen in de aanwezige componenten waaruit deze fracties voornamelijk bestaan.
Analyse
Voeg een chemische analyse bij als de autoriteiten deze nodig hebben voor een juiste beoordeling en indeling van de afvalstoffen.
De chemische analyse moet eenduidig te herleiden zijn naar de afvalstoffen en mag niet ouder zijn dan 1 jaar. Alleen het volledige analyserapport wordt geaccepteerd, dus geen losse pagina’s.
Is de analyse ouder dan 1 jaar maar nog steeds representatief voor de over te brengen afvalstoffen, dan moet u dat aangegeven in het rapport.
I.
Beschrijf in een bijlage de wijze van verwerking van de afvalstoffen bij de ontvanger/verwerkingslocatie.
II.
Bij nuttige toepassing (codes R1 tot en met R13) moet u op grond van EVOA bijlage II, deel 1 sub 21 ook informatie aanleveren van de:
- Geplande methode van verwijdering van het restafval na de nuttige toepassing.
- Hoeveelheid nuttig toegepast materiaal in verhouding tot het restafval en het niet nuttig toepasbare afval
- Geschatte waarde van het nuttig toegepaste materiaal (uitgedrukt in valuta).
- Kosten van nuttige toepassing (uitgedrukt in valuta) en de kosten van verwijdering van het niet nuttig toepasbare afval (uitgedrukt in valuta).
Wil een verwerker in verband met zakelijke belangen geen gegevens verstrekken over de geschatte waarde of kosten? Dan kan de kennisgever de ontvanger/verwerker ook vragen om de vereiste verwerkingsgegevens direct naar de bevoegde autoriteiten te verzenden. Zie voor meer informatie EVOA bijlage II, onder 21c en 21d2.
III.
Bij voorlopige nuttige toepassing of voorlopige verwijdering:
Gaat het bij de ontvangende locatie om een voorlopige nuttige toepassing of een voorlopige verwijdering? Dan moet u aangeven waar de afvalstoffen definitief worden verwerkt. In DIWASS voegt u alle derde verwerkers toe aan het kennisgevingsdocument. In een bijlage vermeld u de volgende gegevens:
- De gebruikte technologie van alle betrokken verwerkingslocaties (wijze van verwerking).