Wijziging classificatie kunststofafval per 1 januari 2021

Ruim 180 van de 187 landen die deelnemen aan het Verdrag van Bazel, hebben in 2019 afgesproken om de wereldhandel in gemengde kunstafvalstoffen beter te reguleren. De nieuwe overeenkomst BC14-12 is een aanscherping van de indeling van kunststofafval in het Verdrag van Bazel dat het grensoverschrijdend verkeer van afval regelt.

De gevolgen van dit besluit zijn dat vanuit EU-landen na 1 januari 2021:

  • Alleen schoon en gesorteerd kunststofafval dat geschikt is om direct gerecycled te worden nog vrij mag worden verhandeld.
  • De export van alle overige soorten kunststofafval zoals mengsels van diverse typen of vervuild kunststof, valt onder de kennisgevingsplicht van de EVOA.

EU-landen exporteren op grote schaal kunststofafval vanwege onvoldoende recyclingcapaciteit in eigen land of lage verwerkingskosten in bestemmingslanden. Met de nieuwe overeenkomst krijgen ontwikkelingslanden een handvat om de toestroom van ongewenst plastic afval effectiever tegen te houden en het is een impuls voor het ontwikkelen van recyclingcapaciteit in eigen land.

Drie nieuwe codes voor kunststofafval in het Verdrag van Bazel

Volgens de nieuwe eisen van het Verdrag van Bazel kunnen alleen vrijwel niet-verontreinigde mono kunststof afvalstromen en mengsels van polypropyleen (PP), polyethyleen (PE) en Polyethyleentereftalaat (PET) vrij worden verhandeld. Voor mengsels moet de exporteur met documentatie aantonen dat deze stoffen na sortering bestemd zijn voor aparte recycling.

Met ingang van 1 januari 2021 zijn er drie nieuwe afvalcodes voor kunststofafval: B3011, A3210 en Y48. Voor de code B3011 geldt als extra voorwaarde dat afvalstoffen bestemd moeten zijn voor een R3 handeling (= Recycling/terugwinning van organische stoffen die niet als oplosmiddel worden gebruikt). Daarnaast mag het maar worden voorafgegaan door maximaal één tijdelijke opslag.

Nieuwe codes voor kunststofafval vanaf 1 januari 2021
Code                                          Omschrijving
B3011

Het hieronder vermelde kunststofafval, mits het bestemd is voor milieuverantwoorde recycling en nagenoeg vrij is van verontreiniging en andere soorten afval:

  • kunststofafval nagenoeg uitsluitend bestaande uit één niet-gehalogeneerd polymeer (monostroom)
  • kunststofafval nagenoeg uitsluitend bestaande uit één uitgehard hars of één condensatieproduct (monostroom)
  • kunststofafval, met uitzondering van afval na consumptie, nagenoeg uitsluitend bestaande uit één van de volgende gefluoreerde polymeren (monostroom):
    • gefluoreerd ethyleenpropyleen (FEP)
    • perfluoralkoxyalkanen:
    • tetrafluorethyleen / perfluoralkyl-vinylether (PFA)
    • tetrafluorethyleen / perfluormethyl-vinylether (MFA)
    • polyvinylfluoride (PVF)
    • polyvinylideenfluoride (PVDF)

Mengsels van kunststofafval, bestaande uit polyethyleen (PE), polypropyleen (PP) en/of polyethyleentereftalaat (PET), mits zij bestemd zijn voor afzonderlijke recycling van elk materiaal op milieuverantwoorde wijze en nagenoeg vrij zijn van verontreiniging en andere soorten afval

A3210

(Mengsels van) kunststofafval dat gevaarlijke stoffen bevat of daarmee verontreinigd is in zulke mate dat het gevaarlijk afval is.

Y48

Kunststofafval dat niet onder B3011 of A3210 valt

Met ingang van 1 januari 2021 vervalt de bestaande Bazelcode B3010 voor kunststofafval.

Wat betekent deze wijziging voor de EU?

De regels voor grensoverschrijdend vervoer van afvalstoffen is binnen de volgende documenten vastgelegd:

  • in het Verdrag van Bazel, regelgeving op mondiaal niveau;
  • in het OESO-besluit voor recycling van afvalstoffen tussen 37 overwegend welvarende landen;
  • EG-verordening overbrenging afvalstoffen 1013/2006, kortweg EVOA genoemd, voor EU lidstaten (en EER-landen: Liechtenstein, Noorwegen, IJsland).

De wijziging van het Verdrag van Bazel heeft dus ook gevolgen voor de OESO-landen en de Europese lidstaten. De OESO-landen hebben alleen de regels voor overbrengingen tussen OESO-landen van gevaarlijk plastic afval aangepast. Voor kunststofafval met gevaarlijke stoffen hebben de OESO-landen onderling de code AC300 toegevoegd aan de oranje lijst (lijst van gevaarlijke afvalstoffen). Dit betekent dat een kennisgeving verplicht is tussen OESO-landen. Voor het vervoer van niet-gevaarlijk plastic afval tussen OESO-landen zijn geen nieuwe afspraken gemaakt. In plaats daarvan behouden de OESO-landen het recht om individueel vereisten voor dit soort transporten vast te stellen in overeenstemming met de nationale wetgeving en het internationale recht.

De EU-lidstaten zijn voorafgaand aan het wijzigingsbesluit van het Verdrag van Bazel overeengekomen in het raadsbesluit 2019/638 om voor het vervoer van niet-gevaarlijk kunststofafval en mengsels daarvan binnen de EU (inclusief andere EER-landen) de huidige procedures te handhaven. Voor de duidelijkheid heeft de EU daarvoor aparte codes gecreëerd: EU3011 en EU48. Aan code EU3011 is de kunststof PVC toegevoegd als aparte categorie.

Op grond van het voorgaande worden de bijlagen bij de EVOA op een aantal punten aangepast. In onderstaand schema is aangegeven welke procedure van toepassing is op de export van kunststofafval vanaf 1 januari 2021.
 

Type kunststofafval Bazel Tussen EU-lidstaten + EER  Naar OESO, niet EU-land. Van niet-EU naar EU Naar niet OESO-land

Schone monostromen

  • Niet-gehalogeneerd polymeren
  • Uitgehard harsafval, condensatieproducten
  • Gefluoreerde polymeren
bestemd voor recycling (R3)
B3011 EU3011 1,2 B30112

B30112

Derdelandenlijst

1418/2007

Mengsels

  • PE, PP en PET
gericht op separate recycling
B3011 EU3011 1,2 B30112

B30112

Derdelandenlijst

1418/2007

PVC

PTFE (teflon)
Y48 EU3011 1,2 Y483 Y484
Mengsels binnen 1 subcategorie van B3011 Y48 EU3011 1,2 Y483 Y484
Overige mengsels/vervuilde stroom Y48 EU483 Y483 Y484

Kunststofafval met gevaarlijke (afval)stoffen

  • o.a. broomhoudend
A3210 AC3003 AC3003 A32104


1  Binnen de EU ook voor andere nuttige toepassing zoals R1 en hoeft niet te voldoen aan voorwaarde separate recycling

2  Groene lijst (eventueel andere procedure vanwege derdelandenverordening)

3  Kennisgeving

4  Verbod

Aanpassing beleidsregel en derdelandenverordening

De wijziging van de classificatie van kunststofaval moet nog verwerkt worden in de beleidsregel van de ILT en in de derdelandenverordening van de Europese commissie.

De code B3011 en EU3011 spreken van “nagenoeg vrij is van verontreiniging en andere soorten afval” en “nagenoeg uitsluitend bestaande uit één type kunststof”. Deze formuleringen laten ruimte voor enige mate van verontreiniging door andere materialen of andere kunststoffen.

De ILT hanteert voor de mate van verontreiniging de beleidsregel ‘Bestuursrechtelijke handhaving verontreinigd papier-, kunststof- en metaalafval 2015’. Totdat de ILT haar beleidsregel heeft aangepast, hanteert zij de vervuilingsgrens van 2%.

Ten tweede past de Europese Commissie de zogenoemde derdelandenlijst nog aan. Op grond van artikel 37 van de EVOA kunnen niet-OESO-landen (zogenoemde derde landen) aangeven of en zo ja, op welke wijze zij de afvalstof B3011 (voorheen B3010) willen ontvangen. De EC probeert de actualisatie van de huidige derde landenverordening (Verordening 1418/2007) voor het einde van dit jaar te publiceren. Als dat niet lukt, hanteert de ILT de reactie die het niet-OESO-land eerder heeft gegeven voor de overbrenging van kunststofafval met de (oude) code B3010. Op voorwaarde dat het transport voldoet aan de nieuwe eisen die in B3011 staan: alleen bestemd voor R3 (recycling), hooguit één tussenopslag en nagenoeg uitsluitend bestaand uit één polymeer (monostroom). Een mengsel van PE, PP en PET is ook toegestaan, mits deze polymeren afzonderlijk worden gerecycled.