Toezichthouders, bedrijven en burgers kunnen bodemsignalen indienen bij de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT). Dit zijn meldingen van mogelijke overtredingen. Het gaat hierbij om overtredingen van het Besluit bodemkwaliteit (Bbk) en de Regeling bodemkwaliteit 2022 (Rbk). De ILT is als toezichthouder verantwoordelijk voor de handhaving.
Lees meer over het melden van een bodemsignaal.
De meldingen gaan voornamelijk over het niet werken volgens vastgestelde Beoordelingsrichtlijnen (BRL’en). Een BRL omschrijft eisen voor een specifieke werkzaamheid met grond, bagger of bouwstoffen.
Voorbeelden van zulke werkzaamheden zijn:
- Uitvoering van veldwerk (BRL 2000)
- Partijkeuring (BRL 1000)
- Milieukundige begeleiding van (water)bodemsaneringen (BRL 6000)
- Uitvoering van (water)bodemsaneringen (BRL 7000)
- Samenvoeging van grond (BRL 9335)
- Aanleg van een bodemenergiesysteem (BRL 2100 en BRL 11.000)
Beoordeling meldingen door de ILT
Alle meldingen die de ILT ontvangt worden in een database geregistreerd. De ILT beoordeelt alle meldingen volgens een vaste werkwijze. Eerst toetst de ILT of de (veronderstelde) overtreding onder haar bevoegdheid valt. In deze fase kijkt zij ook naar de milieu-impact van de (mogelijke) overtreding en of er sprake is van herhaling van de overtreding. Verder bekijkt de ILT of er al maatregelen zijn getroffen om de ontstane situatie te verbeteren.
Geen of lichte tekortkoming
Bij geen of lichte(re) tekortkomingen ziet de ILT af van een uitgebreid vervolgonderzoek (dieptecontrole). Of de inspectie sluit aan bij eventuele corrigerende acties van een gemeente, provincie, omgevingsdienst (OD) of regionale uitvoeringsdienst (RUD). In die gevallen informeert de ILT het betreffende erkende bedrijf, de eventueel betrokken certificerende instantie (CI) en de melder hierover via een brief. De ILT gaat ervan uit dat de afwijking van de norm via het kwaliteitsmanagementsysteem van het bedrijf en het toezicht door de CI wordt gecorrigeerd.
ILT geen bevoegd gezag
Is de ILT niet bevoegd voor de gemelde overtreding? Dan sluit de ILT de melding af met een bericht naar het bedrijf en de melder. In het bericht staat dat de bevoegdheid ontbreekt. Als de inhoud van de melding bij een ander bevoegd gezag hoort, dan krijgt deze daarover bericht.
Tekortkoming
De meldingen waarvoor de ILT toezichthouder is en die voor haar een hogere prioriteit hebben, worden via een dieptecontrole opgepakt. Eventueel gebeurt dat via een project of thema-onderzoek. Dit betekent in eerste instantie dat het betreffende bedrijf wordt bezocht. Als uit de dieptecontrole een overtreding blijkt, dan gebruikt de ILT de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO) voor het bepalen van een (eventuele) interventie.
Signalering
Het kan voorkomen dat een melding geen directe relatie heeft met de bevoegdheid van de ILT, maar wel raakvlakken daarmee blijkt te hebben. In zo’n geval worden dergelijke meldingen gesignaleerd en wanneer nodig wordt hierop actie uitgezet. Het kan ook voorkomen dat er trends naar aanleiding van meldingen gesignaleerd worden. Afhankelijk van de trend of de urgentie wordt de aanpak bepaald.
Bodemsignalen in 2025
De ILT heeft in 2025 ruim 400 meldingen over bodem- en bouwstoffen gerelateerde werkzaamheden ontvangen en behandeld. Een aantal van deze meldingen is nog in behandeling. Bijvoorbeeld omdat de meldingen inhoudelijk complex zijn, of omdat de meldingen zijn opgepakt via een project of themaonderzoek en dit nog niet is afgerond.
Herkomst van bodemsignalen door OD's en RUD's
In onderstaande grafiek staat het vervolg (na de intake) van de ingediende meldingen vanaf 2022 na een 1e beoordeling.
De ingediende meldingen in 2025 gingen vaak over:
- Uitvoeren van veldwerk (BRL 2000)
- Partijkeuring (BRL 1000)
- Saneren (BRL 6000 en 7000)
- Samenvoegen van grond (BRL 9335)
- Aanleg van een bodemenergiesysteem (BRL 2100 en BRL 11000).
Deze werkzaamheden (en bijbehorende BRL’en) zijn niet representatief voor alle BRL’en waarvoor de ILT toezichthouder is. Dat zijn er namelijk meer dan 70. Deze opsomming geeft weer op welke BRL’en (of: op welke onderwerpen) de melders hun aandacht richten, mogelijke overtredingen constateren en er vervolgens actief een melding voor indienen bij de ILT. Deze opsomming geeft geen landsdekkend beeld over de werkzaamheden met betrekking tot bodem en bouwstoffen.
Vervolg quick scan
| | 2022 | 2023 | 2024 | 2025 |
|---|---|---|---|---|
| Doorzetten naar DC | 38 | 54 | 42 | 47 |
| Inspectie registreren | 39 | 29 | 29 | 34 |
| Inspectie registreren, incl. brief terugkoppeling bodemsignaal | 12 | 9 | 12 | 9 |
| Inspectie registreren, incl. brief geen overtreding | 5 | 1 | 4 | 2 |
| Lopend project / doorzetten naar thema | 1 | 1 | 2 | 5 |
| (niet ingevuld) | 4 | 3 | 1 | 0 |
| Overig | 1 | 2 | 2 | 2 |
| Doorzetten naar CI | 0 | 1 | 4 | 0 |
| Doorzetten naar strafrecht, BOA/IOD | 0 | 0 | 5 | 0 |
| Doorzetten naar lopende DC | 0 | 0 | 0 | 1 |
In de afbeelding ‘Beoordelingsrichtlijnen die vermoedelijk zijn overtreden’ staat de verhouding van de verschillende BRL’en binnen de totale hoeveelheid van binnengekomen meldingen. Door overlapping van de bollen is te zien dat er bij 1 melding meerdere BRL’en een rol kunnen spelen. Hoe groter de bol in de afbeelding, hoe meer meldingen de ILT over de betreffende BRL heeft gekregen.
Beoordelingsrichtlijnen die vermoedelijk zijn overtreden
De binnengekomen meldingen van 2025 hebben, tot nu toe (mei 2026), in ongeveer 34% van de gevallen geleid tot 1 of meerdere interventies. Het gaat hierbij om 18 verschillende beoordelingsrichtlijnen (BRL’en) en combinaties daarvan. Dat laat het figuur hieronder zien.
Beoordelingsrichtlijnen die zijn overtreden (met interventie)
In onderstaande grafiek staat welke artikelen mogelijk zijn overtreden, voor de top 10 BRL’en waarvoor in 2024 en 2025 bodemsignaal-interventies zijn gedaan.
Top 10 BRL-combinatie artikelen
| | Artikel 15 | Artikel 15 | Artikel 16 | Artikel 15 | Artikel 18 | Artikel 16 | Artikel 16 | Artikel 18 | Artikel 18 | Combinatie van artikelen | Overige meldingen |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 1000_2024 | 0 | 0 | 0 | 3 | 6 | 7 | 0 | 0 |
| 1000_2025 | 0 | 0 | 0 | 6 | 7 | 8 | 0 | 0 |
| 11000 | 2100_2024 | 1 | 0 | 0 | 0 | 0 | 2 | 0 | 0 |
| 11000 | 2100_2025 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 6 | 0 | 0 |
| 2000_2024 | 0 | 0 | 0 | 1 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| 2000_2025 | 0 | 0 | 0 | 0 | 3 | 2 | 0 | 0 |
| 2100_2024 | 2 | 0 | 0 | 0 | 0 | 8 | 0 | 0 |
| 2100_2025 | 1 | 0 | 0 | 0 | 0 | 10 | 0 | 0 |
| 6000_2024 | 1 | 1 | 0 | 1 | 1 | 6 | 0 | 0 |
| 6000_2025 | 0 | 0 | 0 | 0 | 1 | 14 | 0 | 0 |
| 7000_2024 | 15 | 0 | 1 | 0 | 0 | 21 | 0 | 0 |
| 7000_2025 | 10 | 0 | 0 | 0 | 0 | 12 | 0 | 0 |
| 9335_2024 | 12 | 1 | 0 | 0 | 0 | 6 | 0 | 0 |
| 9335_2025 | 16 | 0 | 1 | 0 | 1 | 6 | 1 | 0 |
| 9338_2024 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 2 |
| 9338_2025 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 4 |
| KBI 6000-21_2024 | 2 | 0 | 0 | 0 | 0 | 1 | 0 | 0 |
| KBI 6000-21_2025 | 5 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Productie en kwaliteitsverkl. niet specifiek_2024 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 10 |
Beeld van bodemsignalen in 2025
In 2025 kwamen er meer meldingen van mogelijke overtredingen binnen bij de ILT in vergelijking met 2024. In 2025 waren dat er ruim 400 en in 2024 waren het er 365. OD’s en RUD’s zijn verantwoordelijk voor bijna 70% van de meldingen. Bij particulieren is na een grote toename in 2024 in 2025 is weer een daling te zien. De aantallen zijn wel nog steeds ruim hoger dan de aantallen van vóór 2024. Wel is het aandeel waar een dieptecontrole en/of interventie uit volgt bij de meldingen van particulieren in 2025 veel lager dan in de voorgaande jaren.
Aantal dieptecontroles in 2025
Het aandeel meldingen dat in 2025 is doorgezet naar de fase van dieptecontrole is licht toegenomen in vergelijking met 2024. In 2025 heeft de ILT de prioritering voor het afhandelen van meldingen aangepast, waardoor een deel van de overtredingen anders wordt afgehandeld. Dit deed de inspectie op basis van een risico- en effectgerichte benadering. Vanwege beschikbare capaciteit en effectiviteit worden gelijksoortige meldingen vaker geclusterd afgehandeld of in thema-inspecties samengevoegd.
Hierdoor werkt de ILT steeds meer risico- en effectgericht en wordt de tijd voor afhandeling verkort. Daarnaast betrok de ILT in 2025 steeds vaker de CI’s met het verzoek overtredingen bij audits bij de bedrijven die onder toezicht staan direct op te pakken.
Daling meldingen (vermoedelijk) zware overtredingen
Er is een daling van het aantal binnengekomen meldingen van (vermoedelijk) zware overtredingen waar strafrecht aan de orde was. Dit is een positieve ontwikkeling, zeker omdat er in de periode 2023–2024 juist een stijgende trend was.
Terugkerende bedrijven
Bij het afhandelen van de bodemsignalen is gekeken hoe vaak een bedrijf (op hoofdvestigingsniveau) binnen 3 jaar een andere, of vergelijkbare, overtreding heeft begaan (recidive) waarvan de ILT een melding heeft ontvangen. Ongeveer een kwart van de bedrijven waarbij in 2025 een overtreding is vastgesteld, heeft de afgelopen 3 jaar eerder een overtreding begaan op een onderwerp waarvoor de ILT bevoegd is. Als het om herhaling van eerder geconstateerde overtredingen gaat, dan is er sprake van recidive. De ILT houdt hiermee rekening bij het vaststellen van de interventie. Dit is opgenomen in de LHSO.
Top 3 bodemsignalen
De top 3 werkzaamheden waar de bodemsignalen in 2025 over gaan:
- Grond samenvoegen (BRL 9335)
- Partijkeuring (BRL 1000)
- Bodemsanering (BRL 7000)
In vergelijking met 2024 is de BRL 1000 de grootste stijger wat betreft het aantal binnengekomen meldingen. Ook voor de BRL 9335 is het aantal binnengekomen meldingen gestegen. Voor BRL 7000 zijn de aantallen juist flink gedaald. BRL’s die niet in de top 3 staan wat betreft omvang, maar wel met een substantiële toename aan bodemsignalen zijn:
- BRL 6000 (milieukundige begeleiding)
- BRL 6000-21 (bodemenergie bovengronds)
De grootste afname zien we bij de BRL 2000 (veldwerk).
Wat betreft de Bbk-artikelen komt artikel 18 (niet werken conform normdocument) ook in 2025 het meest voor, gevolgd door artikel 15 (werken zonder erkenning). Ten opzichte van 2024 is er in 2025 wel een daling te zien bij artikel 15.
Niet alleen is BRL 9335 het grootst wat betreft aantallen meldingen en is het aantal gestegen, ook het percentage dat tot een dieptecontrole en/of tot een interventie leidt, is voor de BRL 9335 relatief hoog. Op projectlocaties ziet de ILT, net zoals in 2024, dat er nog steeds vaak verschillende partijen grond worden samengevoegd. Dit gebeurt vaak door het niet gescheiden ontgraven van verschillende grondlagen in de bodem. Als grondlagen fysisch of milieutechnisch van elkaar verschillen, is het verplicht de grondlagen apart te ontgraven en op te slaan (tenzij het technisch niet mogelijk is).
Ook bij BRL 9335-erkende bedrijven zien we dat er, ondanks de erkenning van de bedrijven, vaak partijen grond van verschillende herkomstlocaties (ontgravingslocaties) onterecht met elkaar worden samengevoegd/vermengd. Vaak is de oorzaak hiervan dat er onvoldoende aandacht wordt geschonken aan het verplichte vooronderzoek naar de partijen grond die worden aangeboden. Hierdoor worden veel partijen onterecht samengevoegd/weggemengd, waardoor de bodemkwaliteit mogelijk slechter wordt. De ILT vindt dit een zorgelijke ontwikkeling aangezien erkende bedrijven de kennis en kunde zouden moeten hebben om de werkzaamheden op de juiste manier uit te voeren.
Milieuverklaring bodemkwaliteit
In 2025 besteedde de ILT meer aandacht aan de afgifte van de MVB. Dit is een schriftelijke verklaring over de milieuhygiënische kwaliteit van een partij bouwstof, grond, baggerspecie, mijnsteen of vermengde mijnsteen of de (water)bodem.
Een MVB is een bewijsmiddel dat de partij de aangegeven milieuhygiënische kwaliteit bevat. Een MVB is noodzakelijk om de partij te mogen toepassen overeenkomstig het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal). De MVB koppelt de informatie over de kwaliteit van de partij aan de onderzoeken en informatie die daaraan ten grondslag liggen. Dit kunnen een partijkeuring, (water)bodemonderzoek, (water)bodemkwaliteitskaart, productcertificaat of fabrikant-eigen-verklaring zijn.
De ILT stelt vast dat er veel overtredingen zijn met betrekking tot de afgifte van de MVB’s. Het niet op de juiste manier uitvoeren van erkende werkzaamheden, kan gevolgen hebben voor de gehele keten. Het is daarom van belang dat alle werkzaamheden vanaf het begin van de keten op de juiste manier worden uitgevoerd, zodat uiteindelijk een volledig juiste MVB kan worden afgegeven aan de toepasser. Volgend jaar zullen hiervan de eerste cijfers bekend worden.