Dit jaar worden de regels voor export van plastic afval naar landen buiten de EU strenger. De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) onderzoekt de mogelijke gevolgen voor recycling in de EU en vervuiling in het buitenland in een verkennend onderzoek. De inspectie benadrukt dat er nog veel moet gebeuren om de recycling van plastic binnen Europa te stimuleren.
Wereldwijd wordt er steeds meer plastic gemaakt, waardoor er ook steeds meer plastic afval ontstaat. De EU wil graag dat zoveel mogelijk Europees plastic afval binnen Europa gerecycled wordt. Aanpassing van de exportregels voor plastic afval moet dit stimuleren.
De ILT bestudeert in het verkennend onderzoek de reactie van de afvalmarkt bij strengere exportregels op de verwerking van plastic afval buiten Europa. Nederland is een van de grootste in- en exporteurs van plastic afval. Een deel van de Nederlandse export gaat naar landen die geen lid zijn van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO).
Strengere exportregels
Afval mag niet zomaar geëxporteerd worden. Dit jaar gaan er strengere regels in voor de uitvoer van afval uit de EU. Die regels gelden vanuit de Europese Verordening Overbrenging Afval (EVOA). Vanaf mei 2026 is een kennisgeving verplicht voor de export van plastic afval naar buiten de EU. Vanaf november 2026 mag er helemaal geen plastic afval meer naar landen die geen OESO-lid zijn. En vanaf mei 2027 moeten alle EU-bedrijven die afval buiten de EU exporteren, zorgen dat verwerkers dit op een milieuverantwoorde manier doen.
Milieu- en gezondheidseffecten
Bij export naar landen buiten Europa is de kans groter dat plastic afval op een verkeerde wijze verwerkt wordt. Het RIVM onderzocht in opdracht van de ILT de effecten voor mens en milieu als gevolg van de export van kunststofafval en textiel. Hieruit werd duidelijk dat bij open verbranding van plastic, giftige stoffen kunnen vrijkomen. Omwonenden, boeren en bewoners kunnen dan blootgesteld worden aan stoffen uit de lucht, het water, uit gewassen en in microplastics.
Scenario’s
De ILT keek naar verschillende scenario’s als de strengere regelgeving van kracht wordt. Zo zou het kunnen dat er binnen de EU gezocht wordt naar landen waar het toezicht minder streng of intensief is om het vanuit daar te verschepen. Of plastic afval krijgt een ander label, zoals de code ‘product’ of ‘brandstof’, om het alsnog te exporteren.
De ILT schat de kans groot in dat Nederlandse exporteurs van plastic afval alternatieve manieren zullen zoeken om plastic toch naar het buitenland te sturen. De verscherpte regelgeving zal er waarschijnlijk toe leiden dat de export van plastic afval zich verplaatst naar OESO-landen, zoals Turkije. Het zal er waarschijnlijk niet toe leiden dat meer plastic afval binnen Nederland, of andere Europese landen, verwerkt wordt.
Handhaving
De ILT wil met dit onderzoek anticiperen op het exportverbod en voorbereid zijn op veranderingen in gedrag van afvalhandelaren en -exporteurs. Ze zal handhavend optreden als dat gedrag in strijd is met de strengere wetgeving en daarmee schadelijk is voor mens en milieu.