Passagiers in een rolstoel mogen zich liggend of zittend laten vervoeren als het voertuig hiervoor geschikt is.  De stabiliteit van de rolstoel en de veiligheid van de rolstoelgebruiker moeten daarbij gewaarborgd zijn.

Gebruik gordel en verantwoordelijkheid

Rolstoelgebruikers hoeven niet per se gebruik te maken van de veiligheidsgordel die deel uitmaakt van het voertuig. Het is hen ook toegestaan om in plaats daarvan gebruik te maken van een veiligheidsgordel die vastgemaakt wordt aan het systeem waarmee de rolstoel aan de vloer van het voertuig is bevestigd. Ook een andere goedgekeurde constructie voldoet (zie publicatie in Staatsblad 2012 nummer 378 over veilig en stabiel vervoer van rolstoel).

Bij het vervoeren van passagiers in rolstoelen is de chauffeur verantwoordelijk voor het veilig vastzetten van de rolstoel en het correct dragen van de veiligheidsgordel.

De kennis- en vaardighedentoets Rolstoel ABC  informeert chauffeurs en ondernemers. Hiermee kunnen zij hun kennis en vaardigheden toetsen.

Zie ook

Hoort bij