De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) ontvangt vragen over de regels voor busvervoer van vluchtelingen vanuit EU-lidstaten in het oosten van Europa en Oekraïne naar Nederland. Op deze pagina leest u waar chauffeurs aan moeten voldoen en welke vrijstellingen gelden.
Niet-commercieel
Voor (internationaal) busvervoer geldt Europese wet- en regelgeving. Voor busvervoer voor humanitaire hulp gelden uitzonderingen op die wet- en regelgeving. Voorwaarde is dat de vervoerder geen vergoeding vraagt voor het vervoer.
Vrijstellingen
Een chauffeur hoeft bij niet-commercieel busvervoer:
- Geen vergunning te hebben.
- Geen code 95 (bewijs van nascholing) op het rijbewijs te hebben.
- Geen tachograaf te hebben of te gebruiken.
- Geen bestuurderskaart te hebben.
Verplichtingen
De chauffeur moet wel beschikken over:
- Een geldig rijbewijs categorie D.
- Een geneeskundige verklaring.
- Een attest (bewijs eigen vervoer binnen de EU).
De chauffeurs vallen net als bij commercieel busvervoer onder de Arbeidstijdenwet. Daarom moeten zij de arbeids- en rusttijden bijhouden. De chauffeur mag zelf weten hoe hij of zij dit doet. Indien de bus beschikt over een tachograaf, mag de chauffeur deze hiervoor gebruiken (niet verplicht).
Meer dan 8 personen
De regels en vrijstellingen hierboven gelden voor busvervoer in een voertuig met meer dan 8 zitplaatsen (exclusief chauffeur).
Commercieel vervoer
Vraagt de vervoerder een vergoeding voor (een deel van) het busvervoer? Dan gelden bovenstaande vrijstellingen niet.