A. Begripsbepaling

Overheidsambtenaren zijn in deze:

  1. Toezichthouders als omschreven in artikel 5:11 van de Algemene Wet Bestuursrecht in de rechtmatige uitoefening van hun taak.
  2. Opsporingsambtenaren als bedoeld in artikel 141 en 142 van het Wetboek van Strafvordering in de rechtmatige uitoefening van hun taak. 
  3. Ambtenaren als bedoeld in de Wet op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten 2002.

Alle andere overheidsambtenaren vallen niet onder dit protocol.

De rechten die voortvloeien uit artikel 5:15 van het Awb en artikel 8 van de Politiewet kunnen niet beperkt worden door de beveiligingsplannen van havenfaciliteiten dan wel schepen. Dit betekent dat genoemde ambtenaren niet verpllicht kunnen worden om medewerking te verlenen aan vormen van toegangscontrole zoals deze bij havenfaciliteiten geldend zijn. Bovendien kan het niet de toegang ontzegd worden als zij geen medewerking verlenen aan de toegangscontrole. Toch is het verstandig een zekere modus vivendi te zoeken om te voorkomen dat slechte verstandhoudingen gaan ontstaan tussen overheidsdiensten en bedrijven/terminals.

B. Instructies

Om conflictsituaties te voorkomen moeten de overheidsambtenaren en beheerders van havenfaciliteiten de volgende instructies in acht nemen:

  1. Verifieer op welk security level de havenfaciliteit zicht bevindt:
    1. Level 1: Vervolg werkzaamheden
    2. Level 2: Overweeg werkzaamheden uit te stellen tot level 1 situatie aan de orde is. Als dit niet mogelijk is, vervolg werkzaamheden.
    3. Level 3: De werkzaamheden vinden geen of beperkt doorgang, volg instructies op.
  2. Zij moeten eerst zichzelf en de dienst waarvoor zij werken mondeling bekendmaken.
  3. Zij moeten altijd hun legitimatiebewijs tonen. Hiervan mag géén kopie wroden gemaakt, in verband van bescherming van de privay. De personen treden op namens de overheid en niet als privépersoon.
  4. Zij moeten herkenbaar te zijn als ambtenaren van een specifieke overheidsdienst, door speciale kleding, voertuigen etcetera.
  5. Desgewenst tekenen ze een bezoekersregistratie en verstrekken ze een contactnummer bij de dienst waarvoor zij werken, zodat bij gerede vermoeden van twijfel omtrent de identitietsverificatie kan plaatsvinden.
  6. Visitatie van bagage, meegenomen apparatuur en het voertuig is niet toegestaan.
  7. Veiligheidsfouillering van de ambtenaren is neit toegestaan, tenzij dit gevorderd wordt door een opsporingsambtenaar. Bijvoorbeeld bij een verhoogd security level.
  8. Zij staan toe dat ze eventueel vergezeld worden door een medewerker van de beveiligingsdienst van de havenfaciliteit. Dit mag echter geen belemmering zijn bij de uitvoering van de werkzaamheden.

Let op:

  1. De instructies op deze pagina brengen met zich mee dat de desbetreffende overheidsdienst zelf garant staat voor de betrouwbaarheid van haar medewerkers. Deze diensten moeten dan ook zelf onderzoeken in hoeverre zij maatregelen treffen, en zo ja welke. Tegelijkertijd brengt het benoemen van opsporingsambtenaars/toezichthouders al met zich mee dat al handelingen verricht zijn ten aanzien van de betrouwbaarheid van de medewerkers. 
  2. Alle havenfaciliteiten zouden specimen van de diverse identiteitsbewijzen van overheidsdiensten moeten hebben.