Deze WNT analyse geeft informatie over de bezoldiging en beëindigingsuitkeringen aan topfunctionarissen en niet-topfunctionarissen bij woningcorporaties in 2021. De analyse is gebaseerd op gegevens over 2021 die de corporaties digitaal aanleverden bij de Autoriteit woningcorporaties (Aw) per 1 juli 2022.
Samenvatting
Zo’n 2.000 toezichthoudende en leidinggevende topfunctionarissen bij woningcorporaties voldoen met hun bezoldiging in 2021 aan de Wet Normering Topinkomens (WNT). Ook de overeengekomen uitkeringen wegens beëindiging van het dienstverband, die 20 topfunctionarissen in 2021 kregen uitbetaald, voldoen aan de WNT. Dit is vastgesteld uit de analyse van WNT-gegevens die de corporaties digitaal aanleverden aan de Autoriteit woningcorporaties (Aw). De aangeleverde gegevens moeten hetzelfde zijn als de WNT-informatie in hun jaarrekening over 2021.
Boven het WNT-maximum
Uit de analyse bleek dat 9 leidinggevende topfunctionarissen een bezoldiging kregen boven het individueel toepasselijk WNT-maximum1. Dat mag, als het gaat om 8 van deze leidinggevende topfunctionarissen. 6 topfunctionarissen maakten gebruik van overgangsrecht. 2 topfunctionarissen hadden een andere legale motivatie, zoals correctie op salaris. Bij 1 topfunctionaris was er sprake van een onverschuldigde betaling. De woningcorporatie is inmiddels gestart met de invordering. Bij toezichthoudende topfunctionarissen waren er 2 topfunctionarissen met een bezoldiging boven het individueel toepasselijk WNT-maximum. Dat was toegestaan, omdat ook deze topfunctionarissen een legale motivatie hadden zoals correctie op salaris van voorgaande jaren.
Overgangsrecht afbouwen
Corporaties zijn in 2017 gestart met de afbouw van het overgangsrecht voor vrijwel alle topfunctionarissen die ermee te maken hebben. De resterende topfunctionarissen met overgangsrecht zijn in 2018 of in 2020 begonnen met de afbouw. Het jaar waarin de verplichte afbouw begint, hangt af van het jaar waarin de norm is ingevoerd die hun bezoldiging raakt. Dat komt omdat de WNT na invoering in 2013 verschillende keren is aangescherpt. De afbouw van het salaris kan 3 tot 5 jaar duren. In 2023 kan niemand meer aanspraak maken op het overgangsrecht.
Daarnaast kwam uit de analyse naar voren dat het percentage leidinggevende topfunctionarissen dat de bezoldigingsnorm overschrijdt in 2021 verder afnam naar 1,5%. In 2015 was dit nog 44%. De daling kwam onder andere door de uitstroom van leidinggevende topfunctionarissen, vanwege bijvoorbeeld pensionering en fusie.
Gemiddelde bezoldiging
Een leidinggevende topfunctionaris kreeg in 2021 € 154.266 aan gemiddelde bezoldiging voor een jaar dat zij fulltime topfunctionaris waren. Dat is 4,5% meer dan in 2020. De gemiddelde bezoldiging aan toezichthoudende topfunctionarissen steeg in 2021 ook en is €13.404. Dat is 6% meer dan in 2020. Deze stijging komt voor een belangrijk deel door fusies die plaatsvonden tussen corporaties. Door de fusies stijgt het aandeel corporaties in bezoldigingsklassen met een hoger maximum. Een andere oorzaak is de normale stijging in de gemiddelde bezoldiging van de WNT-maxima.
Inleiding
1.1 Inleiding
Deze WNT analyse geeft informatie over de bezoldiging en beëindigingsuitkeringen aan topfunctionarissen en niet-topfunctionarissen bij woningcorporaties in 2021. De analyse is gebaseerd op gegevens over 2021 die de corporaties digitaal aanleverden per 1 juli. De aangeleverde gegevens dienen overeen te komen met de WNT-informatie in hun jaarrekening over 2021.
Deze WNT analyse bevat niet:
- De bevindingen van de Aw als toezichthouder op de WNT
- De analyse van controleverklaringen.
De bevindingen uit het toezichtproces waaronder de analyse van controleverklaringen worden verwerkt in de WNT-jaarrapportage die de minister van BZK jaarlijks in december aanbiedt aan de Tweede Kamer. In de WNT jaarrapportage worden ook de door de accountant gemelde overtredingen ten aanzien van kalenderjaar 2021 opgenomen. De WNT-jaarrapportage geeft voor alle sectoren die te maken hebben de WNT een overzicht van geconstateerde overtredingen en handhavingsmaatregelen.
1.2 Verantwoording
Data
De informatie over 2021 in deze notitie is ontleend aan de data die de corporaties over de WNT aanleverden aan de Aw in de jaarlijkse digitale opvraag van de Verantwoordingsinformatie (dVi). Deze data dienen gelijk te zijn aan de (verplichte) data uit de jaarrekening. De accountant ziet er op toe dat corporaties de data correct aanleveren in de dVi.
Ook dit jaar blijken gegevens af en toe niet of inconsistent te zijn ingevuld. Voor zover dit de uitkomsten in deze rapportage kan beïnvloeden, zijn ontbrekende en inconsistente gegevens gecontroleerd in de jaarrekening en gecorrigeerd in de analyse. Indien de gegevens dan nog ontbreken, wordt dit in de tekst vermeld.
De gegevens over 2016, 2017, 2018, 2019 en 2020 zijn ontleend aan de WNT-analyse 2016, 2017, 2018, 2019 en 2020 die de Aw eerder uitbracht. De data over 2015 komen uit de laatste WNT-analyse 2015 die het ministerie van BZK opstelde.
Functionarissen
Op basis van de WNT zijn in 2021 de volgende categorieën (top)functionarissen te onderscheiden:
- De leidinggevende topfunctionarissen. Hiertoe behoren:
- Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking.
- Zij die op grond van hun vorige functie als topfunctionaris nog maximaal 4 jaar topfunctionaris zijn. Zij blijven werken bij dezelfde instelling als waar ze eerder een topfunctie vervulden, maar in een andere functie.
- Leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking: de extern ingehuurde topfunctionarissen vanaf de 13e kalendermaand qua functievervulling. Sinds 2016 geldt vanaf de 13e maand waarin de functie wordt vervuld, de reguliere normering zoals die geldt voor leidinggevende topfunctionarissen met een dienstbetrekking.
- Toezichthoudende topfunctionarissen: Dit zijn de voorzitters en leden van de Raad van Commissarissen (RvC).
- Leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking in de periode kalendermaand 1 tot en met 12 van functievervulling: Zij worden onderscheiden omdat voor hen sinds 2016 een aparte norm geldt.
- Topfunctionarissen die vallen onder de zogenoemde anticumulatiebepaling: Deze bepaling uit de WNT geldt vanaf verslagjaar 2018. In de Verantwoordingsinformatie van de corporaties zijn geen topfunctionarissen vermeld die vallen onder de anticumulatiebepaling. De informatie over functionarissen die onder deze bepaling vallen ontbreekt, omdat de accountants hebben aangegeven de vereiste informatie niet te kunnen controleren. Dit in overeenstemming met het Controleprotocol WNT 2021.
- Topfunctionarissen met een totale bezoldiging van € 1.700 of minder*.
- Niet top- functionarissen: Dit zijn functionarissen die in 2021 een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen. Voor 2021 zijn er geen functionarissen opgegeven met overschrijding van de maximale bezoldiging.
* In 2017 is de ondergrens verhoogd naar € 1.700 (was € 1.500). Reden hiertoe is dat deze grens gelijk is aan de maximale vrijwilligersvergoeding die belastingvrij mag worden ontvangen, en ook deze vergoeding in 2017 is verhoogd. Daarnaast geldt vanaf jaarrekening 2017 dat voor topfunctionarissen die maximaal € 1.700 bezoldiging ontvangen in een jaar, alleen nog de naam en functie openbaar dient te worden gemaakt alsmede in voorkomend geval de naam van de rechtspersoon of instelling bij wie de leidinggevende topfunctionaris gelijktijdig een functie als leidinggevende topfunctionaris in dienstbetrekking vervult als bedoeld in het eerste lid, onderdeel n. (Uitvoeringsregeling WNT, artikel 5 lid 3). In 2021 blijft de grens eveneens € 1.700.
Ontwikkeling gemiddelde bezoldiging in de tijd
Bij het beeld over de ontwikkelingen in de tijd is het belangrijk dat gegevens door de tijd heen vergelijkbaar zijn. In verband hiermee omvat de analyse in hoofdstuk 3 minder topfunctionarissen dan hoofdstuk 2. De topfunctionarissen in hoofdstuk 2 zijn alle topfunctionarissen die vallen onder de 5 genoemde categorieën topfunctionarissen. De topfunctionarissen in hoofdstuk 3 zijn een selectie hieruit die begrensd is met de volgende criteria:
- Ze zijn het hele jaar actief in de functie, én
- Ontvangen meer dan € 1.700 aan bezoldiging (in 2015 en 2016 € 1.500), én
- Voor zover ze een leidinggevende topfunctie vervullen, is de omvang van hun functie groter dan 0,1 full time equivalent (fte).
Deze uitgangspunten zijn in het verleden geformuleerd door het ministerie van BZK, toen dit ministerie zelf nog de ontwikkeling rond de WNT in de tijd analyseerde. De criteria beogen te voorkomen dat uitkomsten al te gevoelig zijn voor extremen. Zoals topfunctionarissen die een zeer lage bezoldiging ontvangen (binnen grenzen van de fiscaal toegestane vrijwilligersvergoeding) of een topfunctie vervullen met een zeer kleine omvang.
De gemiddelde bezoldiging voor leidinggevende topfunctionarissen is het gemiddelde bij fulltime functievervulling. De berekening van dit gemiddelde verloopt stapsgewijs. Eerst is voor elke leidinggevende topfunctionaris die voldoet aan de hiervoor genoemde uitgangspunten, bepaald hoeveel bezoldiging deze functionaris ontvangt indien hij of zij fulltime werkt. Daarna is het gemiddelde berekend over alle leidinggevende topfunctionarissen in de analyse. De gemiddelde bezoldiging voor toezichthoudende topfunctionarissen is direct berekend als het gemiddelde van de bezoldigingen die zijn ontvangen door topfunctionarissen die voldoen aan de eerder genoemde uitgangspunten. Er is dus geen omrekening geweest naar fulltime functievervulling. Een commissariaat is immers nooit een fulltime functie.
1.3 Leeswijzer
Hoofdstuk 2 ‘Overschrijdingen in 2021’ geeft een beeld voor alle topfunctionarissen voor wie de corporaties informatie aanleverden over 2021. De mate waarin er sprake is van overschrijding van de normen voor bezoldiging en uitkeringen wegens beëindiging van het dienstverband komt aan de orde, evenals de mate waarin er vorderingen lopen vanwege onverschuldigde betalingen. Motivaties worden eveneens toegelicht. Hoofdstuk 3 ‘Ontwikkeling sinds 2015’ geeft een beeld van de ontwikkeling in de gemiddelde bezoldiging en uitkeringen wegens beëindiging van het dienstverband voor leidinggevende en toezichthoudende topfunctionarissen. Vanwege de vergelijkbaarheid in de tijd, is de analyse in dit hoofdstuk beperkt tot topfunctionarissen die voldoen aan de hiervoor beschreven criteria (zie paragraaf 1.2).
Overschrijdingen in 2021
2.1 Bezoldiging
De bezoldiging van alle topfunctionarissen voldoet aan de individueel toepasselijke bezoldigingsnorm (tabel 1). Uit de analyse bleek dat 9 leidinggevende topfunctionarissen een bezoldiging kregen boven het individueel toepasselijk WNT-maximum. Dat mag, als het gaat om 8 van deze leidinggevende topfunctionarissen. 6 topfunctionarissen maakten gebruik van overgangsrecht. 2 topfunctionarissen hadden een andere legale motivatie, zoals correctie op salaris. Bij 1 topfunctionaris was er sprake van een onverschuldigde betaling. De woningcorporatie is inmiddels gestart met de invordering.
Bij toezichthoudende topfunctionarissen waren er 2 functionarissen met een bezoldiging boven het individueel toepasselijk WNT-maximum. Dat was toegestaan, omdat ook deze functionarissen een legale motivatie hadden (correctie salaris van voorgaande jaren).
| Leidinggevend | Extern ingehuurd (maand 1 tot en met 12) | Toezichthoudend | |
|---|---|---|---|
| Totaalaantal | 442 | 30 | 1.554 |
| Aantal met terugvordering onverschuldigde betaling over 2021 | 1 | 0 | 0 |
| Aantal met overschrijding (individueel) toepasselijke bezoldigingsnorm | 9 | 0 | 2 |
| Motief voor overschrijding: | |||
| Overgangsrecht | 6 | 0 | 0 |
| Correctie salaris 2020 | 2 | 0 | 1 |
| Correctie salaris 2019 | 0 | 0 | 1 |
Bovenstaand aantal topfunctionarissen is inclusief 58 topfunctionarissen met een bezoldiging van € 1.700 of minder. Onder hen 10 leidinggevenden en 48 toezichthoudenden.
2.2 Uitkeringen wegens beëindiging van het dienstverband
In 2021 ontvingen 20 leidinggevende topfunctionarissen een beëindigingsuitkering (tabel 2). De beëindigingsuitkeringen voldoen allen aan de individueel toepasselijke WNT-norm. Dit is maximaal € 75.000 bij fulltime functievervulling in de voorgaande 12 maanden.
| Topfunctionarissen | Leidinggevend | Extern ingehuurd (kalendermaand 1 tot en met 12) | Toezichthoudend |
|---|---|---|---|
| Totaal aantal | 20 | 0 | 0 |
| Aantal met overschrijding | 0 | 0 | 0 |
Ontwikkeling sinds 2015
3.1 Aantal topfunctionarissen
In dit hoofdstuk over de ontwikkeling in de tijd, wordt gefocust op topfunctionarissen die voldoen aan een aantal specifieke uitgangspunten (zie paragraaf 1.2). Hierdoor is de vergelijking tussen de jaren zinvol en worden uitkomsten niet te zeer beïnvloed door extremen. Door de uitgangspunten is het aantal topfunctionarissen hier lager dan in hoofdstuk 2. Tabel 3 brengt de verschillen in beeld.
| Leidinggevend | Toezichthoudend | |
|---|---|---|
| Hoofdstuk 2 (alle topfunctionarissen) | 442 | 1.554 |
| Hoofdstuk 3 (selectie) | 318 | 1.188 |
3.2 Leidinggevende topfunctionarisen
Gemiddelde bezoldiging
De gemiddelde bezoldiging bij fulltime functievervulling gedurende een heel jaar is in 2021 ongeveer €6.600 hoger (4,5%) dan in 2020 (tabel 4). De belangrijkste oorzaken van stijging zijn de reguliere verhoging van de WNT-maxima met zo'n 4,2% in 2021 en de fusies tussen corporaties. Er verdwenen in totaal 6, veelal kleinere corporaties. Hierdoor steeg het aandeel corporaties dat valt in een hogere bezoldigingsklasse met hoger bezoldigingsmaximum (zie bijlage) De bezoldigingsklasse waarin een corporatie valt, hangt af van het aantal verhuureenheden dat zij bezit en beheert en van het aantal inwoners in de grootste gemeente waar de corporatie minimaal 20% van haar verhuureenheden bezit of beheert.
| 2021 | 2020 | 2019 | 2018 | 2017 | 2016 | 2015 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Aantal topfunctionarissen | 318 | 341 | 324 | 360 | 400 | 425 | 472 |
| Gemiddelde bezoldiging per jaar bij fulltime functievervulling (x € 1) | 154.266 | 147.590 | 145.565 | 143.538 | 136.912 | 132.696 | 134.075 |
Overschrijding individueel toepasselijke bezoldigingsnorm
Het aantal en percentage topfunctionarissen met een overschrijding van de individueel toepasselijke bezoldigingsnorm is in 2021 verder gedaald. Dit komt mede door de uitstroom van leidinggevende topfunctionarissen, bijvoorbeeld vanwege pensioen of fusie. De gemiddelde overschrijding daalde naar € 6.131 per leidinggevende topfuctionaris met een overschrijding.
| 2021 | 2020 | 2019 | 2018 | 2017 | 2016 | 2015 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Aantal | 5 | 37 | 66 | 107 | 146 | 175 | 208 |
| Procentueel | 1,5% | 11% | 20% | 30% | 37% | 41% | 44% |
| Gemiddelde overschrijding (x € 1) | 6.131 | 6.424 | 14.325 | 21.627 | 26.886 | 27.714 | 27.377 |
In 2020 zijn resterende topfuctionarissen gestart met de afbouw van het overgangsrecht voor alle topfunctionarissen. De afbouw betreft de categorie topfunctionarissen met bezoldigingsafspraken gemaakt vóór 1 januari 2013, vóór 1 januari 2014 en vóór 1 januari 2016. Uit de gegevensanalyse blijkt dat de afbouw van de bezoldiging via overgangsrecht in gang is gezet. Het jaar waarin corporaties starten met de afbouw hangt af van het moment waarop de sectorale maxima zijn ingevoerd. De WNT is na invoering in 2013 namelijk verschillende malen aangescherpt. Bij invoering van een (lagere) norm geldt het overgangsrecht met honorering van bestaande bezoldigingsafspraken gedurende 4 jaar. Afhankelijk van toepasselijke regelgeving duurt de afbouw daarna 3 tot 5 jaar. Vanaf 1 januari 2023 heeft niemand meer overgangsrecht.
Beëindigingsuitkering
In 2021 ontvingen 20 voormalige leidinggevende topfunctionarissen een beëindigingsuitkering. Zij ontvingen gemiddeld zo'n € 26.000 per persoon.
| 2021 | 2020 | 2019 | 2018 | 2017 | 2016 | 2015 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Aantal topfunctionarissen | 20 | 16 | 24 | 27 | 13 | 21 | 21 |
| Gemiddelde beëindigingsuitkering (x € 1) | 26.268 | 46.942 | 40.536 | 30.692 | 26.947 | 50.313 | 89.885 |
| Aantal met overschrijding van norm | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 3 | 5 |
| % Beëindigingsuitkering boven de norm | 0% | 0% | 0% | 0% | 0% | 14% | 24% |
| Gemiddelde overschrijding van de norm (x € 1) | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 14.580 | 161.721 |
3.3 Toezichthoudende topfunctionarissen
Gemiddelde bezoldiging en overschrijdingen
Onder de toezichthoudende topfunctionarissen steeg de gemiddelde bezoldiging in 2021 naar € 13.404 op jaarbasis (tabel 7). Dat is 6% meer dan in 2020. Belangrijke redenen zijn ook hier de reguliere stijging in de bezoldigingsmaxima (zo'n 4,2%) en de stijging van het aandeel corporaties met een hoger bezoldigingsmaximum onder invloed van de fusies. Er zijn geen overschrijdingen.
De gemiddelde bezoldiging van de toezichthoudende topfunctionarissen is lager dan zou mogen volgens de WNT. De Beroepsregel honorering comissarissen van de Vereniging Toezichthouders Woningcorporaties (VTW) werkt dit in de hand. Deze regel die geldt voor alle VTW-leden, anteert lagere bezoldigingsmaxima voor comissarissen dan de WNT. Alleen in de hoogste bezoldigingsklasse geeft de regel hetzelfde maximum als de WNT.
| 2021 | 2020 | 2019 | 2018 | 2017 | 2016 | 2015 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Aantal in jaaranalyse | 1.188 | 1.199 | 1.231 | 1.246 | 1.295 | 1.355 | 1.517 |
| Gemiddelde bezoldiging (x € 1) | 13.404 | 12.623 | 11.610 | 11.174 | 10.300 | 9.674 | 9.013 |
| Aantal met overschrijding individueel toepasselijke norm | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
Beëindigingsuitkeringen
Geen van de commissarissen ontving een beëindigingsuitkering in 2021. Toezichthoudende topfunctionarissen bij woningcorporaties vertrekken meestal zonder beëindigingsuitkering.
Bijlage: Corporaties, bezoldigingsklasse en -maximum
Volgens de WNT en de Regeling bezoldigingsmaxima topfunctionarissen toegelaten instellingen volkshuisvesting 2014 hangt de toepasselijke norm voor de bezoldiging van topfunctionarissen bij een corporatie af van de bezoldigingsklasse en het bijbehorende bezoldigingsmaximum. Er zijn 8 bezoldigingsklassen. In welke bezoldigingsklasse een corporatie valt, hangt af van het aantal verhuureenheden in bezit en beheer, en van het aantal inwoners in de grootste gemeente waar de corporatie tenminste 20% van haar verhuureenheden bezit of beheert.
Onderstaande tabel laat voor iedere bezoldigingsklasse de hoogte zien van het bezoldigingsmaximum in 2020 en 2021, en hoeveel corporaties in elke klasse vallen.
| 2020 | 2021 | |||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Bezoldigingsklasse | Bezoldigingsmaximum (x € 1) | Aantal corporaties | % | Bezoldigingsmaximum (x € 1) | Aantal corporaties | % |
| A |
94.000 | 17 | 5,90% | 98.000 | 15 | 5,32% |
| B | 106.000 | 29 | 10,07% | 111.000 | 29 | 10,28% |
| C | 118.000 | 24 | 8,33% | 123.000 | 20 | 7,09% |
| D | 127.000 | 14 | 4,86% | 132.000 | 14 | 4,96% |
| E | 147.000 | 58 | 20,14% | 153.000 | 55 | 19,50% |
| F | 168.00 | 68 | 23,61% | 175.000 | 71 | 25,18% |
| G | 189.000 | 42 | 14,58% | 197.000 | 41 | 14,54% |
| H | 201.000 | 36 | 12,50% | 209.000 | 37 | 13,12% |
| Totaal | niet van toepassing | 288 | 100% | niet van toepassing | 282 | 100% |