Wijziging inzetten van trein

In het nieuwe vergunningenstelsel, het Vierde Spoorwegpakket, heeft het begrip 'gebruiksgebied' nog maar 1 betekenis: het land of de landen waarin het spoorvoertuig mag rijden. Wilt u rijden in een ander land dan Nederland? Vraag dat aan via de one-stop-shop (OSS) van de European Railway Agency (ERA). De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) beoordeelt alleen wijzigingen in Nederland.

Komen er wijzigingen in het gebruik van spoorvoertuigen? Gebruik dan de veiligheidsmethode in de Europese uitvoeringsverordening 402/2013. Gaat het om belangrijke wijzigingen, dan verzorgt een assessment body (AsBo) de beoordeling van de veiligheid.

Aanvragen wijziging van gebruiksgebied

Stel dat u nu alleen in België mag rijden met een treinsamenstelling en u wilt ook in Nederland kunnen rijden. Dan kunt via de OSS van de ERA een uitbreiding van het gebruiksgebied aanvragen. De ERA geeft de vergunning af, de ILT kijkt naar de specifieke Nederlandse eisen om in Nederland te rijden met de voertuigen.

Een gebruiksgebied kan binnen een land gelden, maar ook nog bestaan uit verschillende netwerken. Bijvoorbeeld als u overal in Nederland mag rijden, behalve op de Betuweroute. Dan kunt u een aanvraag voor een vergunning indienen via de OSS of de ILT. U kunt zelf kiezen bij wie u de aanvraag doet, bij de ILT of bij de ERA.

Wijziging van voertuig

Vaak gaat wijziging van de inzet van de trein samen met wijziging van het spoorvoertuig zelf. Het kan nodig zijn om de trein aan te passen, zodat deze overeenstemt met de 'nieuwe' infrastructuur waarover de trein gaat rijden. Wilt u bijvoorbeeld met een Belgische treinsamenstelling in heel Nederland rijden, dan moet u zorgen voor Nederlandse treinbeveiliging.

Toepassing veiligheidsmethode CSM REA

Bij alle wijzigingen moet u de Common Safety Methods for Risk Evaluation and Assessment (CSM REA) toepassen. Deze Europese uitvoeringsverordening geeft de regels voor risico-evaluatie en risicobeoordeling, zodat het veiligheidsniveau op het spoor hoog blijft.

Spoorvoertuig uit dienst nemen

In de laatste levensfase van het spoorvoertuig wordt het op codes voor sloop geregistreerd. De geldigheid van de inschrijving is dan aangepast. Dit gebeurt bijvoorbeeld als het voertuig niet meer ingezet kan worden op het hoofdspoor. De voertuighouder moet de afmelding regelen.

Gaat het voertuig niet meer in Nederland rijden maar nog wel in een andere EU-lidstaat? Haal dan het voertuig als Nederlands voertuig uit het voertuigregister.