Ingebruikname en exploitatie

De eerste rit met een nieuw spoorvoertuig heet een indienststellingsrit. Met de indienststellingsrit stelt de spoorwegonderneming vast of het voertuig voldoet aan de eisen die de spoorwegonderneming zelf stelt om met exploitatie te beginnen. Na afronding van de acceptatieritten kan het spoorvoertuig in een trein ingezet worden. Dan is het in exploitatie.

In gebruik nemen van nieuwe spoorvoertuigen

In de eerste ritten over het spoor wordt het nieuwe spoorvoertuig getest. Deze indienststellingsritten heten ook commissioning- of acceptatieritten. Voor het spoorvoertuig moet eerst een geldige spoorvoertuigvergunning zijn afgegeven.

Acceptatieritten van nieuwe spoorvoertuigen zijn soms tegelijk opleidingsritten voor machinisten. Als het spoorvoertuig gebruikt gaat worden, moet er wel een machinist zijn die er mee kan rijden.

Als u een machinist-in-opleiding wilt laten rijden in een nieuw spoorvoertuig, dan heeft u een ontheffing van de voertuigvergunning nodig. Deze ontheffing vraagt u aan bij de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT). Voor een indienststellingsrit is dat niet nodig, want er is al een geldige typevergunning en voor het voertuig kan een voertuigvergunning worden aangevraagd.

Inzet spoorvoertuig in een trein

Meer informatie voor vervoerders

Bent u spoorwegonderneming en zet u spoorvoertuigen in, dan vindt u meer informatie:

Meldingen of vragen?

Wilt u bij de ILT melding maken van een incident of voorval met een spoorvoertuig? Gebruik hiervoor het meldformulier. Kies rubriek 'Railvervoer' en volg de stappen.

Bel voor algemene vragen over ingebruikname en exploitatie van spoorvoertuigen met 088 489 00 00 of gebruik het contactformulier.