Ontwikkelingen

Brevetten zweefvliegen en ballonvaren

Door een wijziging in de EU Verordening Aircrew worden de Europese regels voor zweefvliegen en ballonvaren uiterlijk 8 april 2020 van toepassing. Hoewel de publicatie van deze wijziging na 8 april 2018 zal plaatsvinden blijven de huidige regels van toepassing.
Dit betekent dat de KNVvL  brevetten voor zweefvliegen en de  nationale brevetten ballonvaren geldig blijven en in plaats van 8 april 2018 uiterlijk voor 8 april 2020 moeten zijn omgezet naar Europese brevetten. Kandidaten kunnen tot uiterlijk 8 april 2020 nog op basis van een nationale opleiding houder worden van een nationaal (geconverteerd) brevet. Meer uitgebreide informatie staat hier.

Einde conversie brevetten vliegtuigen en helikopters.

Declared Training Organisation (DTO) 
Nieuw in de regelgeving is dat een leerling piloot bij een Declared Training Organisation (DTO)  een opleiding kan starten. Dit is mogelijk sinds 3 september 2018. Meer informatie hierover bij opleidingen.
 

Invoeren Performance Based Navigation (PBN)

In het informatieblad Introductie PBN is terug te vinden hoe houders van een instrument rating (IR) de PBN-aantekening kunnen verkrijgen. Dit kan door een verschillencursus op basis van competenties.

Een ATO die erkend is om de IR-opleiding (of de IR-training binnen de MPA type rating opleiding) te verzorgen, komt in aanmerking om deze verschillencursus aan te bieden. Het informatieblad beschrijft welke stappen de ATO moet ondernemen om goedkeuring te verkrijgen voor deze cursus. Daarnaast beschrijft het informatieblad welke stappen de ATO kan ondernemen om PBN in de bestaande IR-opleiding te verwerken. De invoering van PBN heeft geen invloed op de En Route Instrument-rating (EIR).

Aftekenen brevetten

Artikel FCL.945 van de Verordening 1178/2011 creëert de mogelijkheid om instructeurs te machtigen voor het aftekenen van brevetdocumenten uitgegeven door de Nederlandse competente autoriteit. De beleidsregel “uitvoering artikel FCL.945” geeft aan voor welke instructeurs en in welke gevallen dit geldt.
Voldoet u aan de voorwaarden en wenst u in aanmerking te komen voor deze machtiging dan kunt u een aanvraag bij Kiwa Register indienen.

FTL; verantwoordelijkheden voor bemanningsleden

Regelgeving voor Commercial Air Transport (CAT) stelt ook eisen aan de bemanningsleden hun werk- en rusttijden die men bij een andere exploitant uitvoert aan de AOC te melden. Hoe de onderlinge samenhang is geregeld staat beschreven in het informatieblad “Verantwoordelijkheden voor bemanningsleden bij flight time limitations (FTL)”.

EU-Bewijzen van bevoegdheid en Medische certificaten

Binnen de luchtvaartsector worden regelmatig vragen gesteld over de bevoegdheden die een vlieger mag ontlenen aan zijn bewijs van bevoegdheid in combinatie met de geldigheid van het bijbehorende medische certificaat. Er is een beperkt aantal combinaties mogelijk;

FCL Bewijs van bevoegdheid Medisch certificaat
LAPL Medisch certificaat LAPL
PPL / BPL / SPL Medisch certificaat klasse 2
CPL / MPL / ATPL Medisch certificaat klasse 1

Wanneer een medische verklaring moet worden overlegd 
Bij een aanvraag voor afgifte, verlenging, hernieuwde afgifte of vernieuwing van een bewijs van bevoegdheid moet de aanvrager een geldig medisch certificaat hebben, overeenkomstig de tabel. Zonder geldig medisch certificaat worden aanvragen afgewezen.

Bij de aanvraag voor een eerste afgifte, verlenging, hernieuwde afgifte of vernieuwing van een bewijs van bevoegdheid onder de EU verordening 1178/2011, dient tevens het complete medische dossier in bezit van de Medisch Beoordelaar van ILT te zijn. Is dit niet het geval, dan zal de aanvraag worden afgewezen.

Bevoegdheden van een bewijs van bevoegdheid 
In Part-FCL is onder meer aangegeven dat een houder van een bewijs van bevoegdheid

  1. ATPL (zie FCL.505) eveneens bevoegd is tot het uitoefenen van de bevoegdheden van een CPL, PPL en een LAPL (zie FCL.505) en 
  2. een houder van een CPL eveneens bevoegd is tot het uitoefenen van de bevoegdheden van een PPL en een LAPL (zie FCL.305) en 
  3. een houder van een PPL eveneens de bevoegdheden mag uitvoeren van een houder van een LAPL. 
  • Voor LAPL(A) gelden dan de bevoegdheden voor een SEP(land) en TMG (maximale startmassa 2000 kg en 3 passagiers (4 inzittenden aan boord)) (zie FCL.205.A en FCL.105.A). 
  • Voor LAPL(H) gelden dan de bevoegdheden op een SE-Helikopter (maximale startmassa 2000 kg en 3 passagiers (4 inzittenden aan boord)) (zie FCL.205.H en FCL 105.H).

Uw medische certificaat 
Op het medische certificaat staat in box II om welk soort medisch certificaat het hier gaat. In box IX staan per soort certificaat de vervaldata vermeld. Soms zijn de certificaten verschillend en is het ene medische certificaat langer geldig dan het andere.

Doorvliegen met een verlopen medisch certificaat 
Houders van een bewijs van bevoegdheid waar het bijbehorende medische certificaat niet meer geldig is, maar voor de lagere vliegklassen nog wel, mogen op de lagere klasse doorvliegen. Bijvoorbeeld: Is op uw medische certificaat als houder van een CPL de klasse 1 niet meer geldig maar de klasse 2 en/of LAPL wel, dan mag u doorvliegen maar beperkt tot de bevoegdheden van het PPL en/of LAPL.

Vrijstelling voor bewijzen van bevoegdheid als piloot die in militaire dienst zijn verkregen

Wat zijn de mogelijkheden binnen de nieuwe EU regelgeving om bewijzen van bevoegdheid verkregen in militaire dienst om te zetten naar een EU-brevet?
Vrijstellingen voor eisen van Part FCL voor houders van een militair bewijs van bevoegdheid worden verleend overeenkomstig een vrijstellingsverslag dat door de lidstaat, in overleg met het Agentschap is opgesteld (art. 10 van EU 1178/2011). Er zijn drie vrijstellingsverslagen voor de categorieën jacht-, transport- en helikoptervliegers opgesteld door CLSK (Ministerie van Defensie) in overleg met ILT en EASA (zie de drie RNLAF Credit reports onderaan de pagnina).

Elke categorie kent een eigen opleidingstraject en voor elke categorie zijn voor het afgeven van een EU (part-FCL) bewijs van bevoegdheid crediteringen gedefinieerd. Onderdeel hiervan is een ‘bridgecourse’ (theorie). Deze bridgecourse zal moeten worden gevolgd bij een ATO en moeten zijn goedgekeurd door ILT. Het bijbehorend theoretisch examen wordt afgenomen door het CBR. De aanvragen voor een conversie naar (part-FCL) bewijs van bevoegdheid worden ingediend bij het Kiwa.

Radiofrequentie

Eigenaren, organisaties of ondernemingen die één of meer luchtvaartuigen exploiteren gebruiken radioapparatuur die met 25/8.33 kHz kanaalafstand werken. Op de transitie in het radioverkeer is de Europese Verordening (EU) 1079/2012 van toepassing.

Geldigheid medische verklaring KNVvL-brevetten en conversie

Voor een Europees zweefvlieg- of ballonbrevet is na 8 april 2020 een EU medisch certificaat vereist. Medische certificaten worden afgegeven door gecertificeerde AME's.
Er is een langere conversieperiode waardoor de medische verklaringen voor de KNVvL-brevetten GPL en BPL geldig zijn tot uiterlijk 8 april 2020.
Er vindt geen automatische conversie plaats van medische verklaringen afgegeven onder de KNVvL naar een EU medisch certificaat. Als de geldigheid van een bestaande, door een SMA onder verantwoordelijkheid van de KNVvL afgegeven, medische verklaring verlopen is of vernieuwd moet worden, kan worden overwogen een aanvraag te doen voor een EU medisch certificaat voor een Klasse 2 of een LAPL.

EASA regelgeving

Het Europese agentschap voor de luchtvaartveiligheid (EASA) doet voorstellen voor wet- en regelgeving die vervolgens als Europese richtlijn of verordening voor alle lidstaten gelden, zoals de EU Verordening 1178/2011 met bijlagen I t/m VI en bijbehorende AMC’s die in 2013 van kracht werd. Uitzondering op deze regel zijn de luchtvaartuigen zoals gedefinieerd in Annex II van de Basic Regulation (EU 216/2008), die onder nationale regelgeving blijven vallen.

Introductie UPRT

Een afwijkende stand van een vliegtuig (upset) en controleverlies behoren
tot de belangrijkste risicofactoren voor dodelijke ongevallen in de
commerciële luchtvaart. De preventie ervan is in Europa en mondiaal een
strategische prioriteit geworden. Er zijn onder meer nieuwe opleidingseisen
opgesteld om piloten beter voor te bereiden op ongunstige omstandigheden als
upset en controleverlies. Deze opleiding wordt ‘Upset Prevention and
Recovery Training’ (UPRT) genoemd.
Recent zijn voorschriften voor UPRT van kracht geworden. Het informatieblad
Introductie UPRT beschrijft welke stappen brevethouders, instructeurs of personen die een brevet of instructiebevoegdheid wensen te krijgen moeten ondernemen om in bezit te komen van een UPRT-kwalificatie.