Toestemming werkzaamheden voor derden

Corporaties of de met haar verbonden ondernemingen mogen –onder voorwaarden- werkzaamheden verrichten voor derden. Hiervoor is goedkeuring nodig van de Autoriteit woningcorporaties.

Het gaat om de volgende typen werkzaamheden:

  • het toewijzen en verhuren van woongelegenheden en aanhorigheden
  • het plegen van onderhoud of aanbrengen van verbeteringen aan gebouwen en woongelegenheden en aanhorigheden
  • het huren van gebouwen en woongelegenheden en aanhorigheden ten behoeve van het verrichten van de werkzaamheden, bedoeld in de onderdelen a en b en het verlenen van diensten ten behoeve van de bedrijfsvoering of administratie,  voor zover die werkzaamheden betrekking hebben op verhuur van woongelegenheden en aanhorigheden.

In welke gevallen is een goedkeuring niet nodig?

Werkzaamheden voor andere toegelaten instellingen en hun verbonden ondernemingen zijn zonder toestemming van de Autoriteit woningcorporaties toegestaan. Het betreft de activiteiten die zijn gedefinieerd in artikel 45 lid 2 onder a, b, d en g tm. j van de Woningwet.

Evenemin is toestemming vereist indien het gaat om werkzaamheden voor een vereniging van eigenaars waarin de toegelaten instelling (of dochter of samenwerkingsvennootschap) de meerderheid van stemmen heeft in de vergadering van eigenaars en deze werkzaamheden worden verricht op grond van een overeenkomst van opdracht betreffende lastgeving als bedoeld in artikel 414, eerste lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, die voldoet aan de bij ministeriële regeling daaraan te stellen voorwaarden.

In alle overige gevallen is dus toestemming van de Autoriteit Woningcorporaties nodig.

Mogelijkheden intrekking

De Autoriteit Woningcorporaties kan de verleende toestemming intrekken indien blijkt dat:

a. niet langer aan de voorwaarden voor het verkrijgen van toestemming wordt voldaan;

b. de aan het verrichten van de werkzaamheden verbonden financiële risico’s of de financiële positie van de toegelaten instelling, een met haar verbonden onderneming of een samenwerkingsvennootschap tijdens de looptijd van de werkzaamheden zodanig zijn geworden dan het niet langer verantwoord is dat zij deze uitvoert.

Wettelijk kader

  • Artikel 45 lid 7 Woningwet
  • Artikel 52 d t/m h Besluit Toegelaten instellingen Volkshuisvesting
  • Artikel 22b en 22c Regeling Toegelaten instellingen Volkshuisvesting

Hoort bij