De Autoriteit woningcorporaties (Aw) wil bijdragen aan het goed functioneren en verder verbeteren van het corporatiestelsel. Binnen het stelseltoezicht kijkt de Aw van een wat grotere afstand naar de corporaties en de context waarin zij werken. Daarnaast geeft de Aw signalen af over knelpunten of kansen voor het functioneren van het corporatiestelsel.
De inzichten uit het stelseltoezicht helpen de Aw ook bij haar toezicht op de individuele corporaties en op het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW).
Hoe houdt de Aw toezicht op het corporatiestelsel?
Kansen en knelpunten in de sector onder de aandacht brengen
Binnen het stelseltoezicht onderzoekt de Aw wat belangrijke knelpunten of kansen zijn bij de volkshuisvestelijke prestaties van corporaties. Ook brengt de Aw in beeld welke volkshuisvestelijke prestaties de woningcorporaties gezamenlijk leveren op nationaal en regionaal niveau.
De Aw deelt haar bevindingen uit het stelseltoezicht met de minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (VRO), de Tweede Kamer en de sector. De jaarlijkse Staat van de corporatiesector is de belangrijkste publicatie voor stelseltoezicht. Hierin staat hoe de sector functioneert. De Aw wijst met de signalen uit de Staat op risico’s binnen het corporatiestelsel en benoemt mogelijke verbeteringen. Ook kijkt de Aw in de Staat naar de verschillen tussen de regio’s.
Tijdens de jaarlijkse regiobijeenkomsten en netwerkbijeenkomst gaat de Aw in gesprek met corporaties over signalen en actuele onderwerpen.
Daarnaast publiceert de Aw regelmatig themaonderzoeken. In een themaonderzoek staan prestaties, knelpunten of kansen rond een specifiek thema centraal.
Minister informeren
Voor nieuwe wet- en regelgeving voert de Aw HUF-toetsen uit. Hierbij controleert zij op de handhaafbaarheid, uitvoerbaarheid en fraudegevoeligheid.
Als de minister dit vraagt, informeert de Aw het ministerie over haar standpunten over wijzigingen die WSW wil doorvoeren in haar beleidsregels. Het ministerie gebruikt deze informatie bij het besluit of zij de gewenste wijzigingen van WSW goedkeurt. De Aw kan de minister ook ongevraagd informeren. Een voorbeeld hiervan is de voorgenomen huurbevriezing.
Regionale afspraken
Omdat de overheid opgaven formuleert op regionaal niveau is het voor de Aw belangrijk om dit niveau mee te nemen, zowel in het individueel toezicht als in het stelseltoezicht.
In de Nationaal Prestatieafspraken en de woondeals zijn opgaven over het aantal te bouwen sociale huurwoningen op landelijk en regionaal niveau uitgewerkt. Deze opgaven zijn via de provincie naar woonregio’s doorvertaald. Dit is een kader waarbinnen corporaties (moeten) werken.
Woningcorporaties verbinden zich aan regionale afspraken door woondeals te ondertekenen. Of ze krijgen regionale afspraken via de gemeente en de prestatieafspraken. Daarnaast hebben corporaties zich via Aedes verbonden aan het uitgangspunt van een collectieve opgave. Dit betekent dat corporaties bij voldoende financiële middelen worden gevraagd om bij te dragen aan de volkshuisvesting buiten het eigen directe werkgebied. In eerste instantie gebeurt dit binnen de eigen regio. Dit uitgangspunt is ook belangrijk in de Nationale Prestatieafspraken en in het Duurzaam Prestatiemodel.