ILT rapport over vliegen over conflictgebieden

Luchtvaartmaatschappijen hebben voldoende oog voor de risico’s voor het vliegen over conflictgebieden. Dat blijkt uit het onderzoek ‘Overvliegen conflictgebieden’ dat de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) heeft gedaan in opdracht van minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat (IenW). Het rapport is aan de Tweede Kamer aangeboden.

Vleugel vliegtuig
©ILT

Veiligheidsmanagementsysteem

Minister Van Nieuwenhuizen wilde weten of de luchtvaartmaatschappijen de veiligheidsrisico's van vliegen boven een potentieel gevaarlijke zone zorgvuldig genoeg beoordelen. Het onderzoek van de ILT richtte zich vooral op het functioneren van het veiligheidsmanagementsysteem. De ILT heeft onderzocht hoe in dat systeem de besluitvorming procedureel tot stand komt en of dat zorgvuldig gebeurt.

Besluitvorming

Alle luchtvaartmaatschappijen die aan dit onderzoek deelnamen zien het overvliegen van conflictgebieden als een zeer serieus onderwerp. De besluitvorming over dit onderwerp vindt bij alle onderzochte maatschappijen zorgvuldig plaats met doorlopende afweging van de veiligheidsrisico’s.

Informatie

Nederlandse luchtvaartmaatschappijen zijn zelf verantwoordelijk om de gevaren en risico’s in kaart te brengen om al dan niet over conflictgebieden te vliegen. De ILT merkt op dat het van belang is dat de maatschappijen in voldoende mate beschikken over informatie over onder andere (alternatieve) vliegroutes, geopolitieke omstandigheden en krachtenvelden en over de militaire mogelijkheden van landen betrokken bij een conflictgebied. Omdat de dreigingsinformatie op basis waarvan besloten wordt strikt vertrouwelijk is, heeft de ILT alleen een oordeel over het besluitvormingsproces en de zorgvuldigheid waarmee dat plaats vindt.