Brandstofbranche komt met richtlijnen voor schonere brandstof

De vereniging van Nederlandse tankopslagbedrijven (VOTOB) heeft na tussenkomst van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) richtlijnen opgesteld over de voorwaarden voor het aannemen van producten. Deze producten worden ondermeer gebruikt voor het maken van stookolie voor zeeschepen en benzine en diesel voor de Afrikaanse markt. De nieuwe richtlijnen zijn vastgelegd in een ‘REACH-guidance’ en ‘Richtlijn Productacceptatie’ en zijn deze week aangeboden aan Inspecteur-generaal Jan van den Bos van de ILT.

opslagtanks brandstoffen
©VOTOB

De VOTOB accepteert alleen nog maar producten die op de juiste manier geregistreerd zijn. Daarnaast hebben zij alle betrokken medewerkers extra opgeleid. Zo verbetert de informatie over de kwaliteit van geproduceerde brandstoffen, zodat ook  afnemers een beter inzicht hebben in de samenstelling en de mogelijke risico’s bij toepassing. Het gaat hier om stoffen die geregistreerd zijn volgens REACH (Registratie, evaluatie en autorisatie van chemische stoffen.)

Het beoogde doel is minder schade voor mens en milieu. Zo ontstaat minder schade voor de luchtkwaliteit, omdat zo beter is geborgd dat nu alleen nog stoffen worden gebruikt die geschikt zijn als autobrandstof of stookolie voor zeeschepen.

Inspecteur-generaal van de ILT, Jan van den Bos: “Deze afspraken gaan verder dan regels. Ze gaan over wat goed is voor mens en milieu. De VOTOB toont haar maatschappelijke verantwoordelijkheid. Het is een mooi resultaat en stelt een voorbeeld. Hopelijk volgen andere brandstofproducenten dit voorbeeld. Het gaat uiteindelijk om het gedrag van mensen.”

Inzet ILT

De richtlijnen die de branche zichzelf nu oplegt, volgen uit gesprekken tussen de VOTOB en de ILT na een intensief toezicht traject. In 2018 concludeerde de ILT dat producenten van blendstocks en handelaren die benzine en diesel voor West-Afrika of stookolie voor zeeschepen mengen, niet voldoende voldeden aan Europese regels voor chemische stoffen. Zij beschreven niet welk risico mens en milieu liepen bij gebruik van hun brandstoffen. Zij meldden niet of onvoldoende wat er in zat. Gebruikers, hulpverleners, toezichthouders en terminals hadden daardoor geen betrouwbaar beeld van de gevaren van de mengsels. De nieuwe richtlijnen hebben dit gat gedicht.

Guidance

Het onderzoek was voor de ILT aanleiding om in gesprek te gaan met diverse partijen, waaronder de VOTOB. De ILT richt haar toezicht dankzij de gemaakte afspraken met de VOTOB meer op terminals die zich niet aan deze VOTOB-aanpak hebben gecommitteerd en op andere partijen die actief zijn in de brandstofketen. De ILT pleit ervoor om de implementatie en naleving binnen de VOTOB onafhankelijk te auditen. Daarnaast blijft de ILT toezicht en controles houden in de gehele sector.