1. Home
  2.   Actueel
  3. ILT: Regelgeving of brancheafspraken nodig voor proefritten nieuwe treinen

ILT: Regelgeving of brancheafspraken nodig voor proefritten nieuwe treinen

Nieuwsbericht | 10-02-2017

Er dienen extra afspraken of regels te komen voor de proefritten van nieuwe treinen die nog niet zijn toegelaten op het spoor. Dat stelt de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) in een rapport over een incident op 29 april 2016. Daarbij reed een trein van NS Internationaal bij een beproevingsrit met te hoge snelheid (140 km waar 80 was toegestaan) door een wissel bij Dronten. Hierbij vielen geen gewonden.

Beproevingsritten moeten plaatsvinden om aan te tonen dat nieuwe of gewijzigde treinen aan alle technische eisen voldoen. Hierbij zijn verschillende partijen[1] betrokken. Bij het onderzoek naar het incident bij Dronten constateert de ILT dat NS Internationaal een actievere en sturende rol had moeten nemen omdat zij de verantwoordelijke spoorwegonderneming is. NS had ervoor moeten zorgen dat zij over voldoende gegevens beschikte om de vereiste risicoanalyse te maken of toetsen. Ook had NS Internationaal afspraken moeten maken over wederzijdse verantwoordelijkheden, uitvoering en informatiedeling met Ricardo, de organisatie die de beproevingsrit uitvoerde. Door dit na te laten, hebben diverse functionarissen aannames gedaan die door onvolledige communicatie niet werden gecorrigeerd. Ook onvoldoende kennis over de beproevingsritten en over de competenties bij de machinist en de beproevingsritleider hebben bijgedragen aan het incident.

Het ontbreken van regelgeving of brancheafspraken voor beproevingsritten werkt aannames en misverstanden in de hand, aldus de ILT. Het regelen van taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden overstijgt de verantwoordelijkheid van de betrokken partijen. De inspectie heeft daarom het ministerie van Infrastructuur en Milieu gevraagd te zorgen voor regelgeving. Vooruitlopend hierop vindt de ILT dat NS Internationaal en Ricardo het definiëren en borgen van taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden van betrokkenen goed moeten regelen. Tot slot denkt de inspectie dat er veiligheidswinst te behalen is indien betrokken partijen bij de bestelling van nieuw materieel afspreken dat ze tijdig beginnen met de voorbereiding en uitvoering van beproevingsritten.

De inspectie heeft naar aanleiding van dit incident de verleende ontheffing voor het voeren van een beproevingsrit tijdelijk ingetrokken totdat de betrokkenen verbeteringen in hun risicobeheersmaatregelen aan konden tonen. Inmiddels is het treintype Flirt op het Nederlandse spoor toegelaten. Bovenstaande aanbevelingen blijven echter voor toekomstige beproevingsritten nodig.

Meer informatie