Ga naar hoofdmenu / zoekveld

  1. Home 
  2. Onderwerpen 
  3. Transport 
  4. Vrachtauto 
  5. Chauffeurs 
  6. Wet- en regelgeving 
  7. Digitale tachograaf

VrachtautoDigitale tachograaf

Alle nieuwe bussen en vrachtwagens boven de 3,5 ton moeten een digitale tachograaf hebben. Deze verplichting geldt ook voor de categorie lichtere bedrijfsvoertuigen (categorie M1 en N1). Voor voertuigen die vóór 1 mei 2006 in het verkeer zijn gebracht, geldt de tachograafplicht al langer, deze voertuigen kunnen blijven volstaan met een analoge tachograaf.

De digitale tachograaf moet binnen Europa bijdragen aan:

  • eerlijke concurrentie tussen Europese vervoerders;
  • gezonde arbeidsomstandigheden;
  • meer veiligheid op de weg.
De digitale tachograaf maakt het moeilijker om te manipuleren met de geregistreerde gegevens. Het apparaat biedt meer inzicht in de rij- en rusttijden. Deze gegevens zijn daardoor efficiënter te controleren. Ondernemers in het personen- en goederenvervoer kunnen de gegevens die de digitale tachograaf registreert ook gebruiken voor hun eigen bedrijfsadministratie.

Het Europees besluit

Het Europese besluit geldt voor alle lidstaten van de Europese Unie, Zwitserland en voor Noorwegen, IJsland en Liechtenstein (EER). Het besluit is vastgelegd in Verordening 2135/98 en de bijbehorende Annex 1B. Deze verordening is een wijziging van de bestaande regelgeving (Verordening 3821/85).

Gevolgen nationale wet- en regelgeving

De komst van de digitale tachograaf is geregeld in Europese verordeningen en heeft gevolgen voor de Nederlandse wet- en regelgeving. Onderstaande wetgeving is aangepast dan wel toegevoegd:

  • de Arbeidstijdenwet;
  • het Arbeidstijdenbesluit vervoer (Atbv);
  • ministeriële regelingen voor verstrekking en het gebruik van de verschillende tachograafkaarten en voor de erkenning van controle-apparaten;
  • het Reglement Rijbewijzen. 

Eerlijke concurrentie

Een gevolg van de invoering van de digitale tachograaf is harmonisatie van de handhaving in de Europese lidstaten. Dit houdt in dat een controle in bijvoorbeeld Frankrijk uiteindelijk dezelfde resultaten moet geven als een controle in Nederland, Duitsland of Spanje. Overleg tussen handhavende instanties uit de verschillende EU-landen moet leiden tot een eenduidige interpretatie van de Europese rij- en rusttijdenregelgeving. Aan de hand hiervan worden richtlijnen opgesteld die zullen dienen als instructies voor de handhavende instanties.

Op grond van een Europese richtlijn moeten alle lidstaten een minimum aantal weg- en bedrijfsinspecties houden. De lidstaten moeten hierover tweejaarlijks rapporteren aan de Europese Commissie. Zo kunnen lidstaten elkaar controleren en beoordelen of de 'controledruk' in de verschillende lidstaten gelijk is. Dit moet bijdragen aan eerlijkere concurrentieverhoudingen.

Meer informatie

Beleidsregel en boetecatalogus

In de Beleidsregel Arbeidstijdenwet en Arbeidstijdenbesluit wegvervoer (gewijzigd op 9 mei 2012) staat beschreven in welke gevallen de ILT een boete op mag leggen bij overtredingen van rij- en rusttijden en controlemiddelen. In de boetecatalogus staan de hoogtes van de boetes vermeld.

Meer informatie