Ga naar hoofdmenu / zoekveld

  1. Home 
  2. Onderwerpen 
  3. Transport 
  4. Vrachtauto 
  5. Audits 
  6. Traject audit 
  7. Traject Audit

Vrachtauto

Traject Audit

Het traject van een audit bestaat uit meerdere stappen:

  1. een self assessment;
  2. een audit;
  3. monitoring.

1. Self assessment

Als een onderneming van mening is dat hun bedrijfssystemen, -processen en beheersingsmaatregelen van voldoende niveau en kwaliteit zijn om in aanmerking te komen voor een audit, kan de onderneming hiervoor een self assessment invullen.
Het self assessment is een toets om te bepalen of de volgende stap naar een audit kan worden gezet.
Met het self assessment kunnen de door de onderneming genomen beheersingskaders en –maatregelen beoordeeld worden.
Bij een onvoldoende self assessment komt de onderneming niet in aanmerking voor een audit. De mogelijkheid blijft bestaan dat een onderneming in een later stadium alsnog geaudit wordt, maar dan moet eerst weer opnieuw een self assessment worden ingevuld.

De ingevulde self assessment kan ge-e-maild worden naar: auditwegvervoer@ILenT.nl
Na een volledig ingevulde aanvraag gaat de onderneming verder in het proces.

Meer informatie

2. Audit

De inspectie voert een audit uit in nauwe samenspraak met de onderneming. Tijdens een audit toetst de inspectie of de onderneming aan de gestelde systeemcriteria voldoet.

De volgende afspraken gelden tijdens de audit:

  • Vertrouwen
    Er is tussen de inspectie en de onderneming sprake van wederzijds vertrouwen. De inspectie en de onderneming zijn open en transparant naar elkaar en wederzijdse afspraken zijn helder.
  • Reality checks
    Tijdens de audit voert de auditor reality checks uit. Hierdoor krijgt de auditor inzicht in de werking van de systemen, processen en methoden.
  • Hoor en wederhoor
    De inspectie legt het (concept)auditrapport voor aan de onderneming. De onderneming neemt kennis van de bevindingen en kan feitelijke onjuistheden laten bijstellen. 

Het eindoordeel van de audit bepaalt het vervolgtraject.

3. Monitoring

De inspectie blijft een onderneming monitoren en kijkt periodiek of nog steeds aan de zeven systeemcriteria wordt voldaan. De onderneming levert hiervoor informatie aan. De inspectie en de onderneming maken individuele afspraken over de invulling van het monitoringstraject.
In het monitoringstraject vindt periodiek een audit plaats. Bij een onderneming met het oordeel voldoende zit tussen twee opeenvolgende audits maximaal drie jaar. Bij ondernemingen met het oordeel goed zit maximaal 5 jaar tussen twee opeenvolgende audits.
De inspectie stopt met het monitoringstraject als een onderneming niet langer aan de zeven criteria van systeemtoezicht voldoet. De onderneming zit dan niet langer meer in het audittraject.

Hoofdmenu